Spring naar bijdragen

Column

  • artikelen
    236
  • opmerkingen
    271
  • weergaven
    19658

Auteurs van dit blog

Voer dit blog

Berichten in deze blog

Walter Galle: herinneringen aan Gerard van Dam

Als 16 jarige langharige knaap luisterde ik met grote oren naar de Britse zeezenders. Door het gebruik van jingles en hun opgezweepte presentatie stijl en gedragen door popmuziek aan de lopende band maakte deze vorm van radiomaken een grote indruk op mij. Daar alles van op zee kwam was dit voor mij vooral een verhaal van durf; kortom goochelen met hoogspanning midden in een grote plas water en daar wilde ik echt alles van weten.
Begin 1972 bracht ik een bezoek aan de beide Caroline schepen die sinds maart 1968 in de oude Houthaven van Amsterdam lagen opgelegd. De MV Fredericia, voorheen van Caroline North, was door vandalen geplunderd en stuk geslagen. De MV Mi Amigo, het toenmalige zendschip van Caroline South, daarentegen was bewoond. Eerst door iemand die als bewaker was ingehuurd en later door zwervers.
Ook liepen daar, tijdens mijn bezoek, José van Groningen, Mike Bass en Gerard van Dam. De laatste gaf mij een rondleiding op de MV Mi Amigo. Duidelijk was destijds te zien dat men op deskundige wijze alle kostbare onderdelen uit de zenders had verwijderd en ze ergens had opgeslagen. Dit met de bedoeling de schatwaarde van het schip tijdens de veiling zo laag mogelijk te houden.
Tijdens een weekend in maart 1972 besloot ik nogmaals een bezoek te brengen in de Houthaven en na een half uurtje kwam Gerard van Dam alweer tevoorschijn. Na wat gepraat liet hij ontvallen dat ze mensen nodig hadden om te klussen op het schip en ja dat was mijn kans. In augustus 1972 werd de Mi Amigo naar Zaandam versleept en zou daar opgeknapt worden met als doel een piratenmuseum in te richten terwijl er ook een nacht kon worden doorgebracht aan boord. Tenminste zo werd het naar buiten gebracht toen de werkzaamheden in Zaandam een aanvang namen.
In die periode kwam ook Peter Chicago boven water en je zag het schip herleven doordat alle gesloopte zenderonderdelen terug in de zenders geplaatst werden. Het vervolg kennen we. Er kwam geen museum want de Mi Amigo verliet de haven van Zaandam en via IJmuiden vertrok men naar zee en werd het anker naar beneden gelaten en wel enkele mijlen buiten de kust van Scheveningen in internationale wateren.
Door een gebroken zendmast duurde het tot in december van het jaar dat daadwerkelijk echte uitzendingen waren te beluisteren. Door problemen met enkele van de Britse medewerkers verdween Gerard van de MV Mi Amigo en voor de een tijdje uit beeld maar plots daagde hij weer op bij het klaarstomen van de MV Condor die dienst ging doen voor Adriaan van Landschoot zijn Radio Atlantis.
Op  een zekere dag, begin juni 1978, had ik Danny Vuylsteke aan de telefoon met de vraag of ik voor een aantal middengolfzenders kon zorgen voor een nieuw te starten zeezender op de Noordzee. Ik vertrouwde Danny niet en vroeg hem wie er de baas was en dat ik die wilde spreken. Even later belde Gerard van Dam mij op en we onderhandelden over de prijs. Al snel bleek het om Radio Delmare te gaan maar veel geld voor zenders was er niet.
Mondeling kwamen we overeen dat hij twee 1 kW Marconi zenders kon afhalen op de daarop volgende zaterdag in Kalken (België) voor een bedrag van 20.000 frank (500 euro). Die bewuste zaterdag arriveerde Gerard om 14:00 uur bij Marcel Meys te Kalken waar de zenders stonden opgeslagen. Hij werd vergezeld door Jan Kat en Johan Rood. Terwijl de Delmare boys de zenders in hun wagen met aanhangwagen aan het vol laden waren wilde Gerard van me weten wat voor antenne hij moest gaan bouwen en of ik de zenders aan boord tezamen met Johan Rood in de lucht wilde brengen.
Ik bedankte Gerard maar besloot niet mee te werken want ik vertrouwde het zaakje niet. Op dat moment was ik een nieuw huis aan het bouwen en moeder de vrouw zei dat het genoeg geweest was met al die piraterij. Met name de activiteiten die ik had verricht zoals voor de programma’s van VVVR op Radio Mi Amigo. Een tijdje later waren de Delmare heren terug in Kalken om nog twee zenders op te halen. De vorige waren door de autoriteiten in beslag genomen. Zo kwamen ze regelmatig zenders ophalen maar op een keer liep het fout. Marcel Meys was die dag weggeroepen voor een reparatie aan een Geloso buizenversterker en Gerard met zijn kompanen bezochten in afwachting een naast gelegen café in Kalken.
Na twee uur lang jenever drinken kwam Marcel thuis en werden er vervolgens twee zenders ingeladen. Maar toen men ging afrekenen was een deel van het geld bestemd voor de zenders in rook en sterke drank opgegaan. Plots rinkelde mijn telefoon in Dentergem. Het was Danny Vuylsteke met de vraag of ik mij naar Kalken kon begeven met een som geld daar er wat mis gelopen was. Dit heb ik niet gedaan en het resultaat was dat er een zender weer werd uitgeladen.
Gerard van Dam was iemand waarvan je wist dat je kon bedrogen worden maar toch wilde je bij hem zijn. Hij ademde en straalde die zeezenders uit. Hij sprak ook zo en hij wist altijd te boeien en te raken en was ook de man die overal, zonder te kloppen, gewoon naar binnen ging. De laatste maal dat ik Gerard ontmoette was op de Radioday 2011 te Amsterdam want toen stonden de avonturen van Radio Delmare op het programma.
Ik zat niets vermoedend vooraan in de zaal en Gerard van Dam, die in het Delmare panel zat, herkende me en zei: “Ach kijk daar de Belg die de Marconi zenders aanleverde. Je hebt zeker ook nog geld te goed van mij.” Waarop ik antwoordde, dat alles destijds betaald was. Wel wees hij mij er op dat de zenders niet geschikt waren voor muziek en daar had hij een punt mee. Deze Marconi T1509 zenders waren gebouwd voor het Belgische leger in de Congo om op de vliegtuig band te werken.
We hebben die dag nog lang nagekaart over ons herinneringen, ja mooi was die tijd. Gerard was voor mij de man die me de weg toonde naar die betoverende zeezenderwereld , een wereld vol radio techniek die uitgedragen werd door mensen als Peter Chicago, José van Groningen en een Leendert Vingerling, die altijd wel in de buurt waren. Gerard zei vaak dat hij die tijd wel had willen overdoen want de sex in die periode was zo heerlijk. Velen zullen je missen omwille van wie je was. Hij was de ‘Man of Action’, een vindingrijk man.
Walter Galle, 23 september 2016  
Ronald van der Vlught (Ronald Schildknegt), Leendert Vingerling (Jan Olienoot), Ronald Bakker(André Zwinkels),
Walter Galle, Marcel Stevens (Nick van Vuure) en Gerard van der Zee (Gerard van Dam). Radioday 2011. (foto Vincent Schriel)

de redactie

de redactie

Vincent Schriel: Vroeger was alles beter?

Onlangs schreef iemand hier op het forum in een discussie dat vroeger alles beter was. Maar er is in die pak weg 40 jaar toch best veel ten goede veranderd?    Zo schrijf ik dit stuk op mijn laptop met een tekstverwerker in de cloud terwijl ik in de trein zit tussen Utrecht en Rotterdam. Ondertussen drink ik een lekkere verse kop koffie, gemaakt met zo'n bonenmachine op het station. Ik heb van mijn werkgever een plastic kaart meegekregen waarmee ik direct op zijn kosten reis. Luisterend naar een internet radiostation op de smartphone maak ik een overzicht van zo maar een doordeweekse dag.   In de vroege ochtend word ik niet meer om vijf uur wakker van het pruttel van de dieselauto van de buren, want die hebben ze gelukkig ingeruild voor een geluidloos elektrisch exemplaar. En als mijn wekker om kwart voor zes af gaat met muziek snooze ik nog twee keer voordat ik opsta. Na het opstaan stap ik onder de regendouche om vervolgens fris en wakker naar de keuken te lopen. Ik mik een cuppie in de koffiemachine en binnen een minuut zit ik met een heerlijke espresso op de bank. Ik pak de tablet en lees daarop de krant met het actuele nieuws. Snel check ik nog even buienalarm om te kijken of ik mijn regenpak vandaag nodig heb. Want normaal gesproken ga ik elke dag met mijn elektrische fiets naar het werk. Oh ja, deze is betaald met het fietsplan van mijn werkgever.   Op mijn werkplek scoor ik een verse mok bonenkoffie, zet mijn bureau in de sta-stand en selecteer op mijn smartphone een internetradiostation. Oordoppies in de oren, inloggen op de computer en werken maar.   Thuisgekomen haal ik direct de vaatwasser leeg en als de bel gaat neem ik de boodschappen van Appie in ontvangst. Met behulp van de inductiekookplaat, de inbouwmagnetron of de airfryer uit Eindhoven maak ik het avondeten klaar. Als dat op is schuif ik de vieze vaat zo de vaatwasser in. Dan is het inmiddels half zeven en start ik met interactieve TV het nieuws van zes uur. Als dat is afgelopen gooi ik nog even snel een cuppie in de koffiemachine om daarna met een lekker bakkie verder te kijken naar een spannende serie op Netflix.   Als het tijd is om naar bed te gaan zet ik de laatste glazen en kopjes in de vaatwasser en druk op start. Daarna selecteer ik de laatste podcast van Newshour op de smartphone  en luister ik voor het slapen gaan nog even naar het wereldnieuws van de afgelopen dag, dat eerder op de avond door de BBC is uitgezonden.   Hoe zag zo'n dag er 40 jaar geleden uit? Was het toen echt beter?   Vincent Schriel, 31 augustus 2017

de redactie

de redactie

Vincent Schriel: Onderweg met digitale radio

Over een paar jaar, als de FM in Nederland wordt uitgeschakeld, luisteren we allemaal digitaal naar de radio. Thuis hebben we het al dankzij onze kabel- of internetprovider. En als hun aanbod niet voldoende is kan je met een internetradio naar zo'n beetje alles luisteren wat er in de wereld aan radio wordt gemaakt.
Buiten de deur is het anders. Digitaal naar radio luisteren staat hier nog in de kinderschoenen. We hebben landelijk DAB+ en 4G internet tot onze beschikking, maar hoe werken deze netwerken in de praktijk? In de auto en het openbaar vervoer. Omdat ik van beide vervoersmogelijkheden gebruik maak heb ik in de afgelopen twee maanden een vergelijk gemaakt tussen DAB+ en 4G. Op de heenweg DAB+, op de terugweg 4G.
Laten we maar met de auto beginnen. Sinds kort heb ik er één met een radio voor DAB+. Voor de korte ritjes in de stad voldoet dit prima. Maar zodra ik de stad uit rij beginnen de problemen. Ik woon in het Rijnmond gebied waar je veel tunnels hebt: Beneluxtunnel, Botlektunnel, Heinenoordtunnel, Maastunnel, Noordtunnel en Thomassentunnel. Ook zie je dat er steeds vaker wordt gekozen voor het onder de grond aanleggen van wegen. De nieuwe A4 tussen Schiedam en Delft is daar een voorbeeld van. Zodra je zo'n tunnel in rijd ben je het signaal kwijt. Anders is dat met 4G. Zonder problemen tunnel in en tunnel uit. En wat ook handig is: als je wordt gebeld gaat de radio op pauze. Dan mis je niets van een discussie op de radio.
Ook op lange ritten wint 4G het van DAB+. Tijdens een ritje van Rotterdam naar Hilversum via de A15 en A27 gaat het al snel mis. In de Noordtunnel bij Alblasserdam geen signaal en tussen Gorinchem en Utrecht valt het DAB+ signaal meerdere malen weg, zowel bij de stations van de publieke omroep als de commerciëlen. Bij de derde partij die DAB+ aanbiedt, MTVNL, valt het op dat het signaal meer wegvalt dan bij de andere twee netwerken. En 4G? Dat werkt feilloos.
Als ik voor mijn werk op pad moet kies ik altijd voor het openbaar vervoer. De locaties waar ik heen ga zijn prima met de tram, metro en trein bereikbaar en in de meeste gevallen gaat het sneller dan met de auto.
Onderweg heb ik altijd de radio aanstaan, ook in het openbaar vervoer. Met een kleine Pure portable DAB+ ontvanger en oordopjes luistert het lekker weg. Maar niet in de metro. Zodra deze ondergronds gaat is het over en uit. Pas op Rotterdam Centraal, als je de stationshal inloopt, is er weer signaal. Zelfde heb je in de trein. Richting Den Haag krijg je de spoortunnel bij Delft en wordt het stil. Ook richting Schiphol en Breda met de Intercity Direct heb je hetzelfde probleem. Het spoor is op meerdere plekken ondergronds aangelegd om overlast voor de omgeving te voorkomen. Zodra je de treintunnel in gaat ben je ook hier het signaal kwijt.
Met 4G gaat ook het niet vlekkeloos, maar wel stukken beter. In de metro is 4G beschikbaar en kan je zonder onderbreking blijven luisteren. Maar in de trein gaat het wel eens mis. Richting Breda en Schiphol valt het signaal een enkele keer weg. Gelukkig gaat de radio-app op je mobiel dan op pauze en zodra er weer signaal is gaat het verder waar hij is gebleven. Je mist in ieder geval niets.
Mijn conclusie is dat buitenshuis de beschikbaarheid van 4G beter is dan DAB+. Ook biedt 4G meer functionaliteiten. In de trein kan je met je laptop het internet op (via thetering) en in de auto krijg je de actuele weginformatie via je routeplanner. Ook heb je met 4G gigantisch veel radiostations tot je beschikking. Door de beschikbaarheid en de extra functionaliteit heeft 4G een grote voorsprong op DAB+. Zodra de NS, net als de metro in Rotterdam, 4G goed toegankelijk maakt in de tunnels, is de dekkingsgraad volledig. Dan kunnen we overal in Nederland zonder onderbreking altijd bellen, appen en radio luisteren. Dan is het alleen nog wachten op het moment dat de datalimiet van het mobiele internet verdwijnt, net zoals met de vaste aansluiting is gebeurd. Tele2 en T-mobile hebben de aanzet hiervoor al gegeven.
Vincent Schriel, 27 juli 2017

de redactie

de redactie

Vincent Schriel: Met een radio op vakantie

In de jaren 80 en 90 van de vorige eeuw namen wij, als we op vakantie gingen, altijd cassettebandjes en een portable radio mee. De cassettes met muziek waren voor op de heen- en terugreis op de Duitse Autobahn, de portable radio om naar Radio Nederland Wereldomroep te luisteren op plaats van bestemming.   Hoe anders is dat tegenwoordig. De moderne auto wordt geleverd met een DAB+ radio voorzien van Bluetooth. Het voordeel van DAB+ ten opzichte van FM is dat je niet, zodra je buiten bereik van de zender komt, een andere frequentie moet opzoeken. Het moet naadloos overgaan naar de andere zender. Binnen Nederland werkt dat aardig, maar zodra je de grens overgaat raak je de Nederlandse zenders kwijt. Deze zijn dan alleen nog te beluisteren via het internet maar dat kan je dan weer doen met de Bluetooth optie.   Dus wat nemen we anno 2017 mee op vakantie? Een smartphone die je toch al bij je hebt en een Bluetooth speaker. Met de smartphone kunnen we in de auto naar iedere zender in de wereld luisteren en met behulp van de speaker kunnen we in onze vakantiebungalow weer via Bluetooth de Nederlandse radio aanzetten.    De eerste week van oktober zijn wij op vakantie geweest. Wij zaten in de buurt van Koblenz en dit werd onze eerste vakantie zonder CD's (die de cassettes hadden vervangen) en portable radio. Voor vertrek op de smartphone NPO Radio 2 aangezet en de routeplanner-app gevuld met het vakantieadres. Zo bereikte wij zonder problemen het vakantiepark in Duitsland, luisterend naar Aan de slag! van Bart Arens. Gedurende de hele reis viel de verbinding alleen weg toen wij door een smal dal tussen twee bergen reden.    Hoe anders was het toen we de volgende dag in de auto stapten om boodschappen in het dorp te doen. We namen dezelfde weg terug als toen het internet even wegviel, maar nu met de radio aan. Op DAB+ stond Harmony FM op. Tenminste, dat konden we de hele reis zien. Maar voor een grootste deel was er geen bereik en bleef het stil op de radio. De dagen daarna hadden we dezelfde ervaring. Radio via Bluetooth/4G werkte probleemloos, via DAB+ viel het regelmatig uit.    Welke conclusie kan je hieruit trekken? Volgens onze ervaring met digitale radio is DAB+ in Duitsland niet bruikbaar in de auto. Maar ook in Nederland is het op de weg niet altijd geweldig. Daar waar DAB+ het laat afweten gaat het via het internet gewoon door. Betekent dit dat de dekkingsgraad van 4G beter is dan van DAB+? Of dat de techniek van DAB+ niet voldoet? Kan je, als je geen of een kleine internet bundel hebt, dan niet beter via FM blijven luisteren?   Vincent Schriel, 16 oktober 2017

de redactie

de redactie

Vincent Schriel: Foutje, bedankt

Vorige week heb ik per ongeluk de Google Chromecast Audio besteld. Eigenlijk had ik de gewone Google Chromecast nodig om naar Netflix te kijken. De webwinkel waar ik hem heb besteld doet nooit moeilijk over terugsturen, maar toch heb ik besloten dit niet te doen omdat ik eigenlijk wel nieuwgierig ben naar de mogelijkheden van het apparaat.
Even voor wie het nog niet weet. Met de Google Chromecast kan je makkelijk video streamen van een telefoon of tablet naar de TV. Dit doe je binnen je eigen netwerk thuis. Als je Netflix wilt kijken op de TV open je de Netflix app op de smartphone en klikt op het ‘cast’ logo in de app. Vervolgens selecteer je de film of serie. Hij start direct op de TV, de telefoon is je afstandsbediening. Google Chromecast maakt zelf verbinding met de Netflix server en streamt van daar uit naar de TV. Het kost daardoor geen data of stroom van de smartphone.
Ik heb dus de Google Chromecast Audio niet teruggestuurd maar aangesloten op de aux-ingang van de stereo installatie en met behulp van een Android smartphone aangemeld bij het draadloze netwerk. Toevallig heb ik een Android, maar het kan ook met een iPhone. Binnen een paar minuten werkt het.
Buitenshuis luister ik inmiddels alleen nog maar naar internetradio of Spotify. Maar thuis in de huiskamer is het nog wisselend de tuner van de stereo-installatie, de oude gereviseerde Philips plano uit 1964 of de radiokanalen van de TV. Maar de verkeerde bestelling van € 39,- heeft ervoor gezorgd dat al deze apparaten voor radio luisteren wat mij betreft overbodig zijn.
Ontvangst van de lange-, midden- en korte golf in de huiskamer is door de electro smog niet meer mogelijk en daarom afgeschreven. De FM wil men vervangen voor DAB+ omdat het kwalitatief een beter geluid heeft en meer zenders biedt. Dat laatste klopt, je krijgt meer zenders dan de FM. Zelfs meer dan wat de TV aan radiokanalen biedt. Maar met de Google Chromecast Audio, mijn Android telefoon en de TuneIn app beschik ik nu over alle radiostations die via het internet uitzenden, inclusief hun podcasts. En als ik even geen radio wil luisteren maar alleen muziek wil horen? De Spotify app openen, op het ‘cast’ logo klikken en de muziek starten. En dat allemaal met één vinger.
Het is dus de bedoeling dat we in de toekomst de FM inruilen voor DAB+. Maar met de Google Chromecast Audio heb ik de opvolger van de ‘DAB-doos’ al in huis. ‘Foutje, bedankt’ zullen we maar zeggen.
Vincent Schriel, 10 juli 2017

Vincent

Vincent

Vincent Schriel: Digitale radio, DAB+ of Internet?

Op 28 maart 2011 was het over en uit met de 648 kHz. De middengolfzender van de BBC World Service werd die dag uitgezet. Er moest worden bezuinigd en de zender die in heel West Europa was te ontvangen kostte teveel. De luisteraars moesten maar uitwijken naar het internet, het radiomedium van de toekomst. Ik luisterde in die tijd dagelijks naar deze zender met behulp van mijn Sony Srf-m35 Walkman op weg naar het werk, ‘s avonds voor het slapen gaan (Newshour) en in het weekend in de auto via de autoradio. In heel Nederland en België uitstekend te ontvangen.   Voor thuis had ik snel een oplossing gevonden: een wekkerradio met internet. Via de wifi dus. Een eenmalige aanschaf, klaar. Maar buiten de deur werd het lastiger. Itunes op de telefoon was de enige optie. Dus een smartphone aanschaffen met een nieuwe carkit in de auto waarmee je, via bluetooth, de audio vanaf je telefoon naar je autoradio streamt. Maar dan ben je er nog niet. Voor het dataverbruik moet je maandelijks aan je provider een aardige som geld aftikken. En de kwaliteit van de mobiele verbinding met 3G is niet overal goed te noemen. Uitval tijdens lange autoritten, storing op het signaal als je langs bijvoorbeeld de metro fietst in de stad. Het werkt, maar niet vlekkeloos. En het kost ook nog eens bijna 15 euro extra per maand voor een mobiele databundel.   Leuk die nieuwe techniek, maar om mobiel naar het wereldnieuws te luisteren werd mij dit te gortig. De BBC bespaart in de kosten en legt de rekening bij mij neer. Tijd om na te denken over een alternatief.   In september 2013 gaan de landelijke commerciële zenders in Nederland uitzenden via DAB+. De Publieke radiozenders zijn dan al sinds februari 2004 bij wijze van proef via DAB te ontvangen. Ik besluit voor onderweg de Pure Move 2500 aan te schaffen, een portable DAB+ ontvanger. Via Radio 1 en BNR kom ik uit bij Radio 2. Hier blijf ik ‘hangen’. Het digitale geluid is via de oordopjes prima. Vooral het ontbreken van de FM-ruis bevalt mij prima. Een alternatief is gevonden voor in de stad. Maar voor de lange autoritten buiten de stad moet ik het vooral met de FM doen. Een nieuwe auto uitgerust met een DAB+ radio zit er voorlopig niet in en de databundel is niet groot genoeg om altijd via internet te luisteren.   In 2016 komt de eerste smartphone op de markt waarmee je naast FM en internet ook via DAB+ naar radio kunt luisteren. Ik bestel de LG Styles2 en besluit gelijk van provider te wisselen. Het 3G netwerk wordt ingeruild voor 4G. Al snel kom ik er achter dat luisteren via DAB+ op deze telefoon heel matig is. Het signaal valt steeds weg en de app schakelt dan automatisch over naar het internet. En wat valt op? De kwaliteit van de audio via het internet is veel beter en 4G is zo stabiel dat het signaal niet meer wegvalt. Niet als je een tunnel inrijdt, niet in de ondergrondse parkeergarage op het werk en zelfs in de metro kan ik gewoon blijven luisteren. Met DAB+ is dit onmogelijk. Enige beperking is nu nog de grootte van de databundel en de daarbij behorende kosten.   En dan komt begin 2017 je telefoonprovider met een abonnement voor onbeperkt bellen, sms en internet. Voor 5 euro meer per maand, overstappen is gratis. Inmiddels verstook ik een kleine gig per dag aan dataverkeer verdeeld over NPO Radio 2, de BBC World Service en LX Classics. Naast NPO Radio 2 zijn sinds kort ook de andere twee stations in Nederland via DAB+ te ontvangen. Leuk om te weten dat ik straks, als mijn nieuwe auto wordt geleverd, via DAB+ hier naar kan luisteren. Maar of ik dat ook ga doen? Nee, want ik ben er inmiddels van overtuigd dat internet het radiodistributiekanaal is voor de toekomst. Ook in de auto. Tegen de tijd dat de FM-zenders worden uitgeschakeld kunnen wat mij betreft ook de DAB+ zenders uit.   Vincent Schriel, 26 april 2017

de redactie

de redactie

TV series in de jaren zestig

Vandaag ook weer een nostalgische column waarbij ik je andermaal mee terug neem naar 1968. Wat konden de diverse kranten en bladen ons in dat jaar toch mooie dingen in  het vooruitzicht brengen. Zoals het nieuws dat de Amerikaan Patrick McGoohan destijds over niet al te lange tijd één van de bekendste nieuwe sterren aan het televisiefirmament zou worden. In zijn eigen land was hij een beroemdheid geworden en dat kon ook moeilijk anders, als men bedenkt, dat hij miljoenen Britten jarenlang had bezig gehouden met televisieseries, waarvan de ene aflevering nog spannender was dan de andere.   Hij was er destijds begonnen met de creatie van ‘Danger Man’ John Drake en als klap op de vuurpijl kwam daar achteraan de serie ‘The Prisoner’ of — zoals het in Nederland ‘De gevangene’ ging heten en waarvan de NCRV op zaterdag 3 februari 1968 een eerste aflevering op het scherm bracht. ‘Danger Man’ John Drake was in ons land niet helemaal een onbekende verschijning. In de woelige dagen van TV-Noordzee, vanaf het REM-eiland, hadden vele kijkers in de randstad Holland al kennis gemaakt met deze superspeurder. “My name is Drake", zei hij telkens in de inleiding, “John Drake" en vervolgens stapte hij in zijn sportwagen, gaf een dot gas en verdween.   We liepen achter met de serie, in vergelijking met de Engelsen. RTV Noordzee werd uit de ether gehaald en wij hadden nog de nodige avonturen te goed, toen in Engeland de loopbaan van de geheime agent voorgoed ten einde was. Ze maakten zich daar druk over de vraag wat er in vredesnaam nog voor avonturen voor John Drake waren te verzinnen. De slotconclusie was dat het beter was de serie stop te zetten en een einde te maken aan ‘Danger Man’.   Maar Patrick McGoohan die de rol van Drake speelde, had wel andere gedachten. Natuurlijk had hij ingezien dat de populaire serie Danger Man een einde zou beleven en er dus iets anders bedacht diende te worden bedacht om brood op de plank te blijven houden. En hij zag in dat dit in het vervolg zeker niet als John Drake nog zou gaan lukken. En zo ontstond bij hem het idee om naar het afscheid van John Drake met een nieuwe televisiescript te komen voor een serie die de geschiedenis in zou gaan als ‘De gevangene’. Voor die tijd de modernste en meest revolutionairse serie die er ooit op televisiegebied was opgenomen.   Alleen een naam het Patrick in deze nieuwe serie niet, nee hij was de gevangene en  had alleen een nummer: ‘Nummer 6’.  Zijn herkomst was al even vaag; Hij was een man, die een heel belangrijke en geheimzinnige baan had, maar hij nam zelf ontslag. En dat maakte hem nog belangrijker, want vervolgens liep hij ‘vrij’  rond met zijn geheimen, waarvoor zowel vrienden als vijanden belangstelling hadden.   In de serie ‘The Prisoner’ werd hij vervolgens ontvoerd en hij kwam daarna  terecht in een soort dorp, waar allemaal mensen met een geheim rondliepen. Wie hadden hem ontvoerd? En daar begon het ontrafelen van het ene na het andere mysterie. Waren het zijn eigen mensen, zijn vijanden of misschien mensen uit beide groepen? Hij had in het dorp zijn eigen prachtige huis waarin hij zich mocht voortbewegen alleen gevolgd door een eigen televisiecamera die elke beweging van ‘nummer 6’ volgde.   Patrick McGoohan wist één ding heel zeker en wel dat beide serie een aantal dingen gemeen dienden te hebben. In principe zou er niet gewerkt worden met sadisme, extreem geweld of sekstoestanden. Hij ging er altijd bij alle producties vanuit dat ze door het gehele gezin, van groot tot klein, in de huiskamer gezien dienden te worden. Het betekende niet dat er in ‘The Prisoner’ geen ruimte voor mooi schoon was want in de serie kwam een aantal Britse actrices voorbij die in de tabloids de mooiste van het land werden genoemd. Maar voor ‘nummer 6’ was geen van deze mooie vrouwen te vertrouwen.   Voordat de serie de beeldbuizen bereikte was er praktisch niets naar buiten gekomen inzake ‘The Prisoner’. Strikt geheim waren de opnamen gemaakt: geen enkele journalist was er bij geweest. De geheimen van Patrick McGoohan en zijn raadselachtige dorp moesten tot elke prijs bewaard blijven. Vervolgens  werd er in elke aflevering een tipje van de sluier opgelicht. De binnenopnamen waren gemaakt in de Metro-Goldwyn-Mayer Studios in Engeland. Maar bij de perspresentatie weigerde McGoohan nog steeds te zeggen, waar dat gekke dorp was. McGoohan werd daardoor zelfs de gevangene van zijn eigen geheimen.   We zijn een kleine halve eeuw verder en wie herinnert zich nog de beide voornoemde series? Danger Man staat mij persoonlijk beter in het geheugen dan de serie ‘The Prisoner’.  Eén aflevering daarvan heeft voor vele liefhebbers van de radiogeschiedenis, met name met de zeezenders, wel een zeer speciale plek gekregen en wel ‘Not so Jolly Roger’, dat zich deels afspeelde op Red Sands Towers, eens onderkomen van ondermeer Radio 390. Alleen de kijker van nu zien dat een groot deel gewoon niet op het fort maar in een studio is opgenomen.   Patrick was trouwens een Amerikaan die in 2009 in Los Angeles kwam te overlijden.   Hans Knot, 17 juni 2017    

hans knot

hans knot

Shula Rijxman: Normaal doen

De VVD is voor een kleine publieke omroep waarbij de slager, de verpleger en de bakker betalen voor de arts, de consultant en de advocaat. Althans, als we de berichtgeving in de Telegraaf moeten geloven. Want volgens de krant van wakker Nederland willen de liberalen in hun verkiezingsprogramma maar liefst 300 miljoen euro bezuinigen op de publieke omroep. Dat is bijna de helft van het budget. Maar in feite is het veel meer. Want minder geld betekent minder middelen voor mooie programma’s. En minder mooie programma’s betekent minder kijkers en dus minder inkomsten uit reclame. Simpel gezegd: wie er zo met de botte bijl inhakt, breekt in feite de publieke omroep af.
Doe normaal, dacht ik vanochtend toen ik de krant las. Zelfs als die negatieve spiraal - van minder budget, minder programma’s en dus minder STER-inkomsten en daardoor nog minder programma’s etcetera - mee zou vallen, blijf je over met een publieke omroep als speeltje van steeds minder Nederlanders. In feite kun je dan nog aan nieuws doen, een beetje educatie en een snufje cultuur. Maar waardevolle genres als drama, documentaire en vermaak waar je iets van leert – het kan allemaal linea recta overboord. Net als door miljoenen kijkers geliefde en gewaardeerde programma’s als Wie is de Mol?, KLEM of Radar.
Wat houd je dan over? Precies, een met belastinggeld van iedereen gefinancierde publieke omroep die alleen interessant is voor een beperkte groep mensen.
Ik vind dat echt onbegrijpelijk in een tijd dat het hele medialandschap – van productie, via aggregatie tot aan distributie - steeds meer in de greep komt van door niemand gehinderde internationale concerns. Steeds meer Nederlandse mediabedrijven komen in steeds minder buitenlandse handen. Zij richten zich op winst en waarde voor hun aandeelhouders, en niet op het algemeen belang. Maar ik moet het ze nageven, ze zijn wel consistent bij de VVD. Eerder pleitte staatssecretaris Dekker ervoor om de doorgifteverplichting van kabelaars (ze zijn verplicht de NPO-zenders in hun pakketten op te nemen) af te schaffen, net als de standaardpakketten op de kabel. In plaats van op te komen voor de Nederlandse creatieve industrie en media gaat juist de rode loper uit voor buitenlandse conglomeraten. En hoewel een ruime meerderheid van de Kamer vindt dat amusement met een functie moet kunnen, wil Dekker er van af.
Ik ben het met de VVD op een punt eens: er moet inderdaad iets gebeuren met de begroting van de publieke omroep. Die moet namelijk omhoog. Juist nu heeft Nederland meer dan ooit een sterke publieke omroep nodig. Juist in deze soms verwarrende tijden is er een noodzaak voor een politiek en commercieel onafhankelijk, betrouwbaar en betrokken baken voor Nederlanders. Er is maar een onafhankelijk instituut dat in Nederland kan fungeren als waakhond van de macht. Dat via nieuws, documentaire, drama en cultuur een baken kan zijn dat Nederlanders helpt de steeds ingewikkelder wereld om hen heen te leren begrijpen. Dat het hele verhaal van Nederland van alle kanten belicht. En dat is de tegenmacht die altijd aan de kant van de burger tegenover de macht staat: dat is de Nederlandse publieke omroep. En die is er niet alleen voor een beperkte groep mensen, die is er voor ons allemaal.
Shula Rijxman is voorzitter van de Raad van Bestuur van de Nederlandse Publieke Omroep

de redactie

de redactie

Shula Rijxman: Leren van Trump?

Het was ongelooflijk spannend. Niet Hillary Clinton wordt de nieuwe president van de Verenigde Staten, maar Donald Trump. En dat na een campagne die zowel de peilers als de media in verwarring achterlaat. Hoe konden opiniepeilers er zo naast zitten? Waren ze wel duidelijk genoeg over de onzekerheidsmarge die met peilingen gepaard gaat? Waren hun steekproeven representatief?
Allemaal boeiende vragen, maar persoonlijk vind ik de discussie over de media het interessantst. In de VS klinkt de kritiek op de ‘reguliere’ media nu luid. Namen ze de aanhang van Trump wel serieus? Sloten ze zijn geluid niet te veel uit? Werden de Trumpisten wel voldoende gezien en gehoord? Wisten journalisten wel hoe de samenleving in elkaar zit?
Het zijn herkenbare vragen. Ook in Nederland woedt dit debat en na de verkiezing van Trump waarschijnlijk nog luider. Ook hier stellen velen de vraag of de stem van alle groepen voldoende wordt gezien en gehoord. Ook in Nederland speelt de vraag of de zogenaamde mainstream media wel weten wat er speelt op straat. Of ze het geluid van alle Nederlanders voldoende laten horen, of alleen dat van de hoogopgeleide kosmopolitische Nederlander.
Wij in Hilversum trekken ons die discussie aan. Want de publieke omroep is er voor iedereen. In alle onafhankelijkheid – van commercie en politiek – bedrijven wij onafhankelijke journalistiek. Het is onze taak om alle geluiden en visies in de samenleving serieus te nemen en te laten zien en horen. Dag in dag uit doen honderden medewerkers van omroepen daar hun best voor.
Over onze pretentie om alle groepen in de samenleving te bereiken en te verbinden, wordt soms lacherig gedaan. Ik zal de eerste zijn om te erkennen dat die opdracht om er voor iedereen te zijn soms moeilijk is. En dat het altijd beter kan. Want ook ik stel mezelf de vraag of we alle geluiden serieus nemen en laten zien en horen. Of we wel de juiste onderwerpen agenderen in onze programma’s.
Die vragen zijn zo belangrijk omdat pluriforme media, en zeker een brede en pluriforme publieke omroep, harder nodig zijn dan ooit. Om het hele verhaal te vertellen, groepen met elkaars opvattingen te confronteren, en om de andere kant van het gelijk te laten zien. Zeker in een tijd dat groepen Nederlanders tegenover elkaar lijken te staan, moet er een podium zijn waar ze zich tenminste met elkaar kunnen verstaan.
Daarom gaan we het gesprek hierover aan met de omroepen. Want ook zij, die de programma’s maken, worstelen met de vraag of wij er voldoende in slagen de gevoelens in onze samenleving een plek te geven in onze programma’s. Maar dat kan niet zonder uw inbreng, het kan niet zonder het publiek. Wij gaan u daarom veel nauwer betrekken bij de keuzes die wij maken. Want de publieke omroep is niet van ons, die is van u.
Shula Rijxman is voorzitter van de Raad van Bestuur van de Publieke Omroep
 

de redactie

de redactie

Shula Rijxman: Kappen met de kruideniersmentaliteit

Doen wij ons werk goed? Die vraag stellen wij onszelf continu. Zijn onze programma’s onafhankelijk en betrouwbaar? Laten we alle opvattingen in de samenleving zien, komt iedereen aan bod? Leveren we een bijdrage aan de kwaliteit van onze samenleving? We doen dat omdat we het belangrijk vinden wat het publiek van onze programma’s vindt. We kijken verder dan de goede kijkcijfers die onze programma’s oogsten. Want wij zijn van en voor het publiek. Met een brede programmering voor alle Nederlanders. Om zo iedereen in Nederland door middel van een betrouwbare nieuwsvoorziening, dramaseries, scherpe journalistiek, kunst- en cultuurprogrammering en documentaires te informeren over de wereld om hen heen, en over elkaar. Om onafhankelijk van politiek en commercie te berichten over de besluitvorming in onze democratie en de macht te controleren. En dat belang is groter dan ooit – lees het recente rapport van Freedom House maar over hoe vrije media op steeds meer plekken onder druk staan.
Wij kunnen wel als slagers ons eigen vlees gaan keuren, maar we hebben duizenden mensen, en een expertpanel, gevraagd wat ze van onze programma’s vinden. Hun eindscore: een 8,2. Ik ben trots op deze waardering. Ook vind ik het goed om te zien dat het verschil met het aanbod van de commerciëlen door verreweg de meeste mensen als groot wordt beoordeeld. Onze programmering is de moeite waard en de mix van lichte en zwaardere programma’s vindt men logisch. Afwisseling van spijs doet immers eten. Het mooiste vind ik dat het vakmanschap van onze programma’s een 8,6 krijgt. Dat compliment kunnen al die programmamakers bij de omroepen en producenten die dagelijks mooie en relevante programma’s voor de publieke omroep maken maar mooi in hun zak steken. Lees hier meer over in onze terugblik op 2016.
Ik ben blij dat de meeste Nederlanders ons als goed beoordelen. Want wij zijn er voor hen. In alle onafhankelijkheid van commercie en politiek. Tegelijkertijd zijn de mooie waarderingscijfers geen reden om op onze lauweren te rusten. Want het medialandschap verandert razendsnel. Commerciële mega-media-conglomeraten monopoliseren wereldwijd de productie en distributie van beeld. Bij de NPO is 83% van de producties Nederlandstalig. Omdat wij het belangrijk vinden onze taal, cultuur en identiteit te laten zien. Facebook en Netflix malen daar niet om. Publieke omroepen investeren de helft van hun omzet in lokaal product, terwijl de commerciëlen blijven steken op slechts een derde. Dat scheelt een flinke slok op een borrel.
Als publieke omroep in een klein taalgebied kun je in een door Facebooks en YouTubes gedomineerde wereld alleen overeind blijven met zeer goede content. Het kleine Denemarken bewijst dat dat heel goed kan. Daar hebben ze de budgetten heel gericht ingezet op een beperkt aantal dramaproducties van topkwaliteit. Dat lijkt mij de weg die wij ook op moeten.
We zullen ook continu moeten blijven vernieuwen. Binnenkort lanceren we bijvoorbeeld ons nieuwe on demand platform. En we gaan het publiek nauwer betrekken bij ons beleid. Dat is nodig om alle 17 miljoen Nederlanders goed te blijven bedienen. Met waardevolle programma’s van eigen bodem, voor Nederlanders door Nederlanders gemaakt.
Daar zou wat mij betreft de politieke discussie over moeten gaan. Over hoe je ook in een klein taalgebied onafhankelijke media ondersteunt. Over hoe je Nederlandse makers helpt de verhalen te vertellen die verteld moeten worden. Over hoe een onafhankelijke publieke omroep van waarde kan blijven voor onze samenleving in een snel veranderend medialandschap. Dat lijkt me zinvoller dan Haagse discussies op de vierkante millimeter over een onsje meer of minder amusement, een tikje meer of minder reclame, het aantal lineaire kanalen in een digitale wereld, of haarkloverij over het verschil in programmering tussen ons en de commerciëlen. Kom op, denk ik dan, het is 2017. Gaan we echt deze achterhoedegevechten met elkaar voeren? Dat is zonde van de tijd. En het getuigt van een kruideniersmentaliteit. Want wat er écht op het spel staat, is het overeind blijven van onafhankelijke Nederlandse journalistiek en cultuur in een internationaal slagveld. Ik reken erop dat we hier de ruimte en middelen voor krijgen van de politiek. Zodat we kunnen blijven investeren in mooie programma's, in innovatieve diensten en een breed aanbod voor 17 miljoen Nederlanders.
Shula Rijxman
Voorzitter raad van bestuur

de redactie

de redactie

Shula Rijxman: In het publiek belang

Vandaag publiceren wij voor het eerst een verslag over de Maatschappelijke Waarde van de publieke omroep. Die waarde is soms zo vanzelfsprekend, dat we haar niet eens herkennen. Daarom hebben we haar in kaart gebracht. Lees en zie er meer over op www.npomaatschappelijkewaarde.nl. 
Onze programma’s maken wat los in de samenleving en in de politiek. De onthullingen van onze journalisten en redacteuren vinden hun weg naar Kamervragen en -debatten (414) en publicaties in kranten (1.300+). Soms met grote politieke gevolgen (denk aan de onthullingen van Nieuwsuur (NOS-NTR) over de Teeven-deal, of van EenVandaag (Avrotros) over het gebruik van het giftige PX-10 door Defensie), vaak leidend tot heftig maatschappelijke debat. Nadat Zembla over de gezondheidsrisico’s van rubberen korrels op kunstgrasvelden berichtte, kwam er niet alleen op de voetbalvelden heel veel los. We maken samen met maatschappelijke organisaties, zoals het Rode Kruis en het KWF Kankerbestrijding, miljoenen Nederlanders enthousiast voor goede doelen. We steunen festivals als het IDFA, Pinkpop of North Sea Jazz met beeld, woord en daad. Duizenden scholieren bereiden hun examens voor met behulp van de leerzame content van SchoolTV.
Ik vind het niet meer dan logisch dat wij als met publiek geld betaalde organisatie continu verantwoording afleggen over onze bijdrage aan de Nederlandse samenleving. De politiek heeft - terecht, want we zijn een publieke instelling - allerlei regels opgesteld over onze taak en over hoe we die mogen vervullen. We moeten voldoen aan strikte regels rondom sponsoring en reclame, het niet bijdragen aan de winst van commerciële partijen, het exploiteren van rechten, het starten van nieuwe kanalen en het soort programma’s dat we mogen maken. En amusement mag nog slechts in beperkte mate, om moeilijk bereikbare groepen te bedienen of om bijvoorbeeld cultuur of educatie op een wat lichtvoetiger wijze te verpakken. Ieder jaar leggen we onze plannen vast in een Begroting en blikken we hier op terug. Elke vijf jaar maken we uitgebreide en gedetailleerde afspraken met het ministerie van OCW en worden daar ook op afgerekend.
Het lukt ons, hoe knellend de regels soms ook zijn, en hoe hard de bezuinigingen van de afgelopen jaren er ook hebben in gehakt, mooie programma’s te maken en veel kijkers te trekken. En juist omdat we zoveel Nederlanders bereiken (wekelijks bijna 90%), precies zoals de wet van ons verlangt, zijn we van waarde voor de samenleving. Door de macht te controleren en Nederlanders te informeren over de wereld om hen heen, en elkaar. En die verbindende rol kun je alleen vervullen met een zo breed mogelijk bereik. Als podium voor het gesprek over Nederland. Onafhankelijk van politieke en commerciële invloeden. Duizenden medewerkers werken zich hier dagelijks het schompes voor.
Als je Nederlanders vraagt wat zij het grootste verschil tussen ons en andere aanbieders vinden, dan is het antwoord steevast: de beperkte hoeveelheid reclame. Op korte afstand gevolgd door de kwaliteit van onze programma’s en de goede nieuwsvoorziening.
Toch steekt in politiek Den Haag al jaren regelmatig dezelfde discussie de kop op: onderscheidt de publieke omroep zich genoeg van de commerciëlen? De laatste tijd vaak gevolgd door de vraag of de bezuinigingen van de afgelopen jaren niet gecompenseerd kunnen worden door meer inkomsten te halen uit reclame?
Hoezo, denk ik dan, we zijn per definitie anders dan de commerciëlen. Niet alleen omdat wij ons niet te schikken hebben naar het aandeelhouders-belang. We zijn ook zeer onderscheidend qua regels waar we aan moeten voldoen, en qua hoe het publiek ons waardeert (zie ook wat Nederlanders van ons vinden in onze terugblik op 2016: http://over.npo.nl/verantwoording).
Als je vindt dat de publieke omroep alleen programma’s mag maken die de commerciëlen niet maken, maak je wat er op NPO1, 2 en 3 te zien is afhankelijk van de keuzes die commerciële omroepen maken. Want die redenering (alleen onderscheidend mag) volgend, zeg je eigenlijk: als zij iets maken dat ook maar enigszins op een programma van de publieke omroep lijkt, moet het bij de publieke omroep van de buis.
En ik ben dan echt niet bang dat wij zullen moeten stoppen met documentaires als Schuldig, of een programma als Keuringsdienst van Waarde. Nee, de meer populaire krenten uit de pap raken we kwijt en blijven achter met een beperktere programmering die een steeds smaller kijkersdeel weet te boeien. Want het is juist de afwisseling van lichte en zware kost die ook de tv-kijker doet eten. We hebben simpelweg populaire programma’s nodig om het publiek ook voor ons minder populaire aanbod te interesseren. En natuurlijk omdat we wettelijk verplicht zijn iedereen te bedienen.
Het afhankelijk maken van het publieke aanbod van de keuzes die commerciele partijen maken, is wat mij betreft een heilloze weg, net als het onzalige idee dat wij onze slinkende inkomsten zouden moeten compenseren met meer reclame. Want volgens mij zit niemand te wachten op die vervelende programmaonderbrekende reclameblokken. Terwijl juist de bescheiden hoeveelheid reclamezendtijd een wezenskenmerk is van de publieke omroep. Don’t go there, zou ik zeggen.
Ik maak me dus grote zorgen over deze Haagse geluiden. Tezamen zetten ze ons vermogen om alle Nederlanders zo goed mogelijk te bedienen onder druk.
Zonde, als je kijkt naar de waardering die wij van Nederlanders oogsten, zonde ook van onze maatschappelijke waarde.
Shula Rijxman, Voorzitter raad van bestuur NPO

de redactie

de redactie

Shula Rijxman: Een herkenbaar podium voor alle Nederlanders

Hoe blijven we als Publieke Omroep álle groepen in Nederland bereiken? Juist in deze polariserende tijd, is dit een vraag die voor de NPO en alle omroepen daarbinnen actueler is dan ooit tevoren. Juist nu moet de publieke omroep een herkenbaar podium zijn voor alle verschillende groepen Nederlanders. Juist nu moet iedereen zich door ons aangesproken kunnen voelen.
Dat is, in alle eerlijkheid, best lastig. En of we daar voldoende in slagen, is een vraag die we onszelf en ons publiek dagelijks moeten stellen. Het debat en de dialoog die daarmee ontstaan, stellen ons in staat die onafhankelijke en brede publieke omroep te zijn.
De omroepen voelen de verantwoordelijkheid dat alle geluiden gehoord worden, de voors en tegens. Verbindingen met kijkers, luisteraars en online publiek worden steeds beter gelegd. Denk bijvoorbeeld aan het eenvandaag opiniepanel, waarin iedere week 50.000 mensen meedoen met onderzoeken over het nieuws en vervolgens hun mening terugzien in de uitzendingen.
Daarnaast zijn programmamakers en omroepen volop bezig met het ontwikkelen van nieuwe programma’s en formats, meebewegend op de verhardende actualiteit en met open oog en oor voor wat er nu speelt in onze samenleving. Binnenkort start bijvoorbeeld het programma De Monitor, waarin burgers in live debatten in gesprek gaan met plaatselijk bestuur en instanties over zaken als gezondheid, veiligheid, werkgelegenheid. Daarnaast start het programma ‘Uit Europa’, waarin we buiten Nederland op zoek gaan naar ‘de ontevreden burger’. Pauw & Jinek maken vooruitlopend op de verkiezingen elke avond als duo een actualiteitenprogramma. In ‘Bidden voor Den Haag’ worden tegenstellingen tussen Nederlanders met een christelijke achtergrond onderzocht. Hoe kijken zij aan tegen bijvoorbeeld het vluchtelingendebat. En in nog een nieuw programma gaat Danny Ghosen binnenkort op zoek naar de niet-stemmer…
En kleine en mooie selectie, maar we willen meer. Meer weten, meer dialoog, meer contact, meer pluriformiteit. Dus gaan we de komende tijd nog een aantal stappen zetten.   Kwalitatief onderzoek
We verbreden ons kwalitatief onderzoek, om zo een completer beeld te krijgen van onze moeilijk te bereiken groepen en de minder conventionele geluiden uit onze samenleving. Deze brengen we in kaart en we nodigen mensen uit die doelgroepen uit om in gesprek te komen over onder meer kijkvoorkeuren en –motieven. Publiekspanels
NPO gaat structureel werken met publiekspanels. Dit gaat ons, samen met het hierboven genoemde kwalitatief onderzoek een schat aan informatie opleveren die we kunnen inzetten bij de ontwikkeling van nieuwe formats en programma’s; Analyse informatieaanbod
We gaan analyseren of en hoe we de programmering van ons informatieaanbod kunnen verbeteren, zodat we aan blijven sluiten bij het snel veranderende mediagebruik van een breed publiek (rapport verwacht in mei 2017); Overleg Actualiteit
We zijn samen met de omroepen de Werkgroep Actualiteit gestart. Een voor nieuws, actualiteiten en onderzoeksredacties spannend, maar belangrijk initiatief om de invulling van hun programma’s met elkaar af te stemmen. Nu, in aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen, is het bijvoorbeeld van groot belang om alert te blijven op een pluriforme en onafhankelijke berichtgeving bij de publieke omroep; Plek voor gesprek
We voeren op sociale media al regelmatig gesprekken met kijkers en luisteraars, maar daarnaast kunnen kijkers en luisteraars binnenkort direct hun reacties en suggesties geven op NPO.nl; Townhallmeetings
We hadden het al op de agenda staan: ‘Townhallmeeting’. Een TV-programma dat het land intrekt, waarin het echte gesprek met het publiek en de actualiteit een rol speelt.   Met omroepen en producenten zijn en blijven we in gesprek over actuele thema’s als cultuur, diversiteit, pluriformiteit en het bereiken van diverse groepen. Het zijn allemaal stappen in een continu proces waarin we ons meer moeten inzetten om als publieke omroep alle groepen in Nederland te blijven bereiken. Dat is niet altijd makkelijk, maar wel heel erg nodig. Respect voor elkaars standpunt is een belangrijke en onmisbare waarde in onze samenleving; goed blijven luisteren naar elkaar is cruciaal. Daarom, we kunnen het niet vaak genoeg herhalen, zijn reacties van producenten, politiek en publiek altijd welkom. Heb je ideeën of suggesties? Neem dan vooral contact met ons op via Twitter: @NPO_Actueel of @PubliekeOmroep, of via www.npo.nl. We kijken uit naar de dialoog!
Shula Rijxman, voorzitter Raad van Bestuur NPO.

de redactie

de redactie

Shula Rijxman: Arie, kom je snel langs?

Beste Arie, geachte heer Slob,
Van harte gefeliciteerd met uw prachtige nieuwe baan! Laat de minister van het niet horen, maar u heeft natuurlijk op het ministerie van Onderwijs het allermooiste onderwerp in portefeuille . Misschien wel van heel Den Haag. Want laten we wel zijn: de media, daar kan toch geen vast-flex-discussie of Europese top tegenop!
Dat weet u natuurlijk, met uw jarenlange achtergrond als mediawoordvoerder in de Tweede Kamer, als geen ander. Het gaat altijd echt ergens over. Over hoe onze samenleving verandert en hoe die verandering soms tot wrijvingen leidt (Zwarte Piet). Over hoe je een betrouwbare en onafhankelijke nieuwsvoorziening onder de aandacht blijft brengen terwijl ons mediagebruik razendsnel verandert (opkomst superplatforms). Over hoe je als door iedereen betaalde organisatie ook echt iedereen iets terug kan geven (sport en ja, ook een vleugje vermaak). Over hoe gaaf het is om een podium te zijn voor en van (!) alle Nederlanders, voor hun taal cultuur en identiteit (en waar je samen juicht en samen rouwt). Over hoe je als klein Gallisch dorpje overeind blijft tegen een Romeinse overmacht (Netflix, HBO, Liberty).
Er is elke dag wel wat aan de hand in Hilversum medialand. En het gaat de laatste jaren heel goed hier. Ons bereik is hoog - we zijn marktleider -, onze programma’s worden beter gewaardeerd dan ooit, meer Nederlanders dan in jaren lieten zich bij hun stemkeuze helpen door onze pluriforme en brede programma’s. We hebben onze on demand dienst vernieuwd en leren elke dag beter om een jong publiek aan ons te binden, waar ze ook zijn.
Ik ben er trots op dat dit is gelukt. Want de bezuinigingen van Rutte I en II hebben er hard in gehakt. Dus ik zal eerlijk zijn: ik word blij van het Regeerakkoord. Een 'stevige publieke omroep niet vanzelfsprekend […] maar wel nodig vanwege het veranderde medialandschap’? Lijkt me van wel, ja.
De koffie staat klaar.
Hartelijke groet,
Shula

de redactie

de redactie

Shula Rijxman: “Wie is De Mol?”

Vandaag is er in het Algemeen Dagblad onderstaande publicatie van Shula Rijxman te lezen.
“Een sterke publieke omroep is onmisbaar voor een vitale democratie”, stelt het Regeerakkoord. Die plechtige woorden schieten door mijn hoofd, terwijl ik vanaf de Mies Bouwman-boulevard het Mediapark op rijd. Dan belt Marc Adriani om zijn vertrek van BNNVARA naar John de Mols Talpa Radio aan te kondigen.
Als een collega onze publieke omroep verlaat, doet dat even pijn. Maar het maakt ook trots: blijkbaar is dit de prijs van succes. Art, Twan, Gerard, nu Marc. Allemaal talent dat bij de publieke omroep kon groeien en bloeien en nu, op hun hoogtepunt, wordt weggekocht. Zo gaat het in het voetbal, zo gaat het bij de omroep. Zie het als een compliment. We willen en kunnen niet concurreren met de bedragen die de commerciëlen betalen. Maar de eredivisie van tv en radio wordt toch écht door de teams van de publieken gedomineerd. De eerste helft van het seizoen 2018 komt in zicht en we hebben een goed half jaar achter de rug, of het nu om de waardering of om de kijkcijfers gaat. Van het ongekende succes van NPO Radio 2 als grootste zender van Nederland tot ons snel groeiende platform NPO Start. Van de Luizenmoeder tot Mindf*ck, van Zondag met Lubach tot Wie is de Mol?, van de scoops van Nieuwsuur tot de prachtige kinderprogramma’s van Zapp en Zappelin.
Het gaat, kortom, goed. Maar het is niet vanzelfsprekend dat dat zo blijft. Als het kabinet ons net zo zou behandelen als zo ongeveer alle andere sectoren, had de publieke omroep jaarlijks zo’n 200 miljoen meer kunnen besteden aan nog mooiere, betere, relevantere mediaproducties van en voor ons allemaal. Ironisch genoeg gebeurt het tegenovergestelde. Advertentie-inkomsten dalen hard dalen. In plaats van dat het kabinet z’n mooie woorden in het regeerakoord nakomt, presenteert de minister een extra korting.
Heus, ik bewonder John de Mol en zijn droom van een Hollands media-imperium. Hij vecht met ons tegen de oprukkende macht van Facebook en Google, al houdt hij tegelijkertijd de mogelijkheid open om ooit alles weer aan diezelfde Googles of Facebooks te verkopen. De Mol was al eigenaar van de radiostations 538, Sky Radio, Radio 10 en Veronica alsmede de SBS-televisiezenders. Nu lijft hij het ANP in en wordt zo hofleverancier van alle concurrenten, van De Telegraaf tot RTL en de NPO.
En weer denk ik aan het Regeerakkoord en het daarin door partijen onderstreepte belang van een onafhankelijke nieuwsbron. De publieke omroep wil er met haar informatieve, culturele en educatieve programma’s voor iedereen zijn en slaagt daar vaker wel dan niet in. En, hoewel sommigen anders doen geloven, we doen dat volgens iedere onafhankelijke meting voor een zeer, nee, té bescheiden budget. “Een sterke publieke omroep is onmisbaar voor een vitale democratie?” Wij hebben geleverd, Haagse politici; waar blijven ùw daden?
Shula Rijxman
Voorzitter van de Raad van Bestuur van de NPO
13 april 2018

de redactie

de redactie

Shula Rijxman: 'NPO helpt je kiezen'

Over vier weken mogen we een stem uitbrengen bij de verkiezingen voor de Tweede Kamer. De komende maand zullen politieke partijen ons bestoken met hun plannen, ideeën en visies. Als we de peilingen moeten geloven, wordt het straks ongemeen spannend. De verschillen tussen partijen zijn soms microscopisch klein. Maar de verkiezingen zijn meer dan een spannende wedstrijd. Het gaat inhoudelijk echt ergens om. Van hoe we omgaan met immigratie, via de hoogte van de eigen bijdrage in de zorg tot de bevoegdheden die de veiligheidsdiensten zouden moeten hebben in de strijd tegen terrorisme.
De publieke omroep zal er alles aan doen – op tv, radio en online - om Nederlanders te informeren over wat partijen willen met Nederland, over wat de gevolgen van die plannen voor u en mij zijn, en over de context waarin die plannen worden gepresenteerd. Ik vind het belangrijk dat zo veel mogelijk visies een podium krijgen en dat zo veel mogelijk mensen door ons goed worden bediend. Want de publieke omroep is er van en voor iedereen. Het is onze kerntaak om ervoor te zorgen dat wij als burgers van een democratisch land zo goed mogelijk weten wat er speelt, en wat er op het spel staat.
Persoonlijk vind ik dat iedereen van zijn recht om te stemmen gebruik zou moeten maken. In werkelijkheid echter blijft ongeveer een kwart van ons thuis. En onder jongeren laat een op de drie het stemlokaal links liggen. Waarom eigenlijk? Deze mooie reportage van Nieuwsuur probeert daar een antwoord op te vinden. Sowieso is Nieuwsuur goed bezig nieuwe vormen te bedenken waarmee ze jongere kiezers en kijkers kunnen bereiken. Kijk bijvoorbeeld hier.
NPO3, 3FM en FunX gaan de komende weken nog veel meer doen om jongeren te interesseren voor en te informeren over de stembusstrijd. Op televisie, radio, online en in het land. Vanaf volgende week volgt Myrthe Hilkens in What the Hague?! (NTR, NPO 3) de verschillende campagnes. In de week voor de verkiezingen duiken Rutger Castricum en Maxim Hartman van POWNED in het verkiezingsgeweld. Alle lijsttrekkers worden op 3FM bestookt met vragen van luisteraars. En op 8 maart komt FunX met een jongerendebat in hartje Den Haag. En wat te denken van Tim Hofman die met zijn Stembus door het land trekt om jongeren geïnteresseerd te krijgen in de #polertiek? Ook een fantastisch initiatief en er komen nog veel meer uitzendingen en debatten aan.
De hele programmering rondom de verkiezingen is wat mij betreft een prachtig voorbeeld van de waarde van de publieke omroep voor onze samenleving. Wij zijn er om alle geluiden te laten horen en iedereen in staat te stellen zijn of haar mening te vormen. Om Nederlanders zo goed mogelijk te informeren over de wereld om hen heen. Om feiten van context te voorzien. Om de macht altijd kritisch te bevragen. Zodat je zo goed mogelijk geïnformeerd bent.
Waar het mij om gaat, is dat je bij de publieke omroep terecht moet kunnen voor onafhankelijke en betrouwbare informatie. Dat je een baken hebt waarop je kunt varen. Dat je weet dat wat je bij ons ziet, leest en hoort, ook klopt. En niet door politieke of commerciële belangen wordt bepaald. Daar kun je van op aan. Dus het maakt mij echt niet uit op wie je stemt, als je maar goed beslagen ten ijs het stemhokje in gaat!
Shula Rijxman, voorzitter van de Raad van Bestuur van de Nederlandse Publieke Omroep

de redactie

de redactie

Ruud Poeze: DAB+, wat moeten we ermee

Let's get Digital, het oude hitje van Olivia Newton John, Olijfje voor intimi, Physical, is in tekstuele aanpassing het promotie liedje van DAB+. Want de campagne is in de herhaling gegooid, nadat de eerste nou niet direct heeft geleid tot een run op de winkels met DAB+ radio's. De 3% van de huishoudens die nu een DAB+ ontvanger heeft is een mager resultaat. Met een groei van 1% per jaar duurt het in dit tempo bijna 50 jaar voordat de helft, en niet meer dan dat, een DAB+ doos in huis heeft staan.
Kortom, DAB+ is nog geen succes. Hoe kan dat nou. Het klinkt zo veel belovend, veel radio zenders in prachtige digitale kwaliteit, daar kan toch niemand omheen. Maar Mien van driehoog achter is kennelijk nog niet overtuigd. Of ze begrijpt het niet. Digitale radio, die kocht ik tientalen jaren geleden al. In plaats van aan afstem knopjes te draaien kan je op knopjes drukken en staat ie altijd automatisch goed op de zender. Met wat geluk nog wat voorkeurszenders. Digital Radio, wat is dat? Hé, op mijn kabel heb ik digital radio, tientallen zenders in inderdaad goede kwaliteit. O nee, dat bedoelen ze niet, het is een portable en auto-radio, kan geen kabel zijn. Met een beetje geluk snapt de verkoper in de winkel dat je DAB+ bedoelt. Leo van der Goot heeft het in het nieuwe spotje nu wel over DAB+. Maar je moet wel naar de site van Digital Radio. Nou ja.
In de auto dan, handig, veel stations, makkelijk te vinden. Je mag van geluk spreken als de auto-verkoper je niet voor gek verklaard als je om DAB+ in je al dan niet nieuwe voiture vraagt. Hij weet niet waar je het over hebt. En als hij na wat speurwerk het nieuwe autoradio fenomeen heeft gevonden sla je stijl achterover van de prijzen. Ingebouwde autoradio's, alleen in de duurste modellen gratis, kosten honderden Euro's. En moet er ook nog een andere antenne op het autodak. Voor een paar honderd Eurootjes. Dat kan in totaal tot boven de duizend Euro oplopen, zelfs een echte radio-liefhebber met DAB+ zendvergunning die ik ken was dat te gortig.
En die portable in huis doet het nog niet zo goed. Op veel plekken is zogenaamde indoor ontvangst nog niet echt perfect. Met één DAB+ radio heb je dus één oude analoge radio vervangen. Logisch, maar euh, wat met de radio in de keuken, en de slaapkamer, de garage, de schuur, op zolder. Een huishouden heeft gemiddeld zes radio's ter beschikking. Die moeten dus eigenlijk allemaal vervangen worden wil je in het hele huis en omgeving lekker digitaal naar al die mooie zenders willen luisteren. Kwantum korting bedingen misschien? De huiskamer Hifi stereo installatie hangt als het goed is aan de kabel-FM. Met 30 zenders in prima kwaliteit.
Kan DAB+ daartegen op? Nee, want de digitale kwaliteit is volgens kenners niet beter dan de FM-kwaliteit. De mensen die DAB+ beter vinden klinken waarderen de afwezigheid van de agressieve audio-processing op FM. Dit heeft dus niets met digitale kwaliteit te maken.
Maar al die nieuwe zenders dan die je uit de lucht kan plukken? Toegegeven, DAB+ maakt het verdwijnen van Arrow Classic Rock en Classic FM uit de FM-ether weer helemaal goed. Al is de zogenoemde bitrate, lees kwaliteit, van Arrow wel wat beperkt. De andere nieuwe zenders zijn helaas nou niet grote publieks trekkers die DAB+ even snel over de streep trekken. Het is niet Duitsland waar populaire commerciële omroepen bijna overal van de FM geweerd worden, die nu opeens in DAB+ wel aldaar in de ether zijn te ontvangen. Of Zwitserland waar de FM ontvangst zo slecht is met zo weinig zenders wegens de bergjes, dat je met een DAB+ ontvanger maar een klein aantal zenders kan ontvangen. No, this is Holland. Ik krijg hier meer dan 20 zenders op de FM, te veel om op de autoradio voor te programmeren. Hier kregen commerciële zenders wel redelijk wat ruimte op FM, en bergjes, behalve in Zuid Limburg, zijn er niet.
Ook wordt de FM ontvangst hier niet zwaar gestoord door een leger piraten, zoals in Londen. Daar heeft de drugsmaffia de FM ether zo ongeveer overgenomen, met een bak met geld zijn ze ook niet te bestrijden. Een inbeslaggenomen zender is minuten later al weer teug in de lucht. De luisteraar van de BBC en andere normale zenders koopt dan maar uit arre moede een DAB+ ontvanger.
Eigenlijk leven we in mooi land, zo mooi dat je niet eens een DAB+ radio nodig hebt. Tenzij de criminele gedachte post gaat vatten dat we die DAB+ gewoon door de strot gaan duwen door de FM keihard af te schakelen. Want hier en daar en met name in sommige kringen lijkt DAB+ wel een soort religie of sekte te zijn geworden. Ze geloven er heilig in, ondanks het gebrek aan succes en de bezwaren. Zoals het ontbreken van ruimte om fatsoenlijk alle lokale omroepen op DAB+ te krijgen, zelfs als die zich beperken tot 50 streek zenders. En natuurlijk de trage verkoop van de ontvangers, de consument wil geen DAB+.
En dat hebben we het niet gehad over het digitale alternatief van DAB+, Internetradio, in al zijn verschijningen. Radio op je mobieltje, kan je weer schaamteloos met een zakradiootje rondlopen die nu wel honderd duizenden zenders kan ontvangen. Uit binnen en buitenland, het is meteen een wereldontvanger. En kost weinig tot niets extra. Mobiel Internet wordt spectaculair uitgebreid, na de 800 MHz wordt nu ook al gedacht aan de 700 MHz. En verder. Capaciteit is geen probleem meer, en de zenders zijn af van de verdeel stuipen van de overheid. Digitale Radio leuk, maar of het DAB+ wordt?
Lets get Digital, maar eerlijk gezegd ga ik met Olijfje liever Physical.....
Ruud Poeze (Stichting Middengolf, Radio Paradijs), 6 april 2015

Vincent

Vincent

Rob van Stuivenberg: NPO radiozenders stijgen licht, NPO 3FM stabiliseert

Voor de radiocollega’s onder ons is het altijd weer een spannend moment: wat zijn de luistercijfers van het Nationaal Luister Onderzoek (NLO) die iedere twee maanden bekend worden gemaakt?
Vanmorgen bleek dat bijna alle NPO radiozenders zijn gestegen ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar, behalve NPO 3FM. Wel zijn de NPO 3FM cijfers gestabiliseerd ten opzichte van de vorige meetperiode in maart-april.
NPO Radio 2 is de best beluisterde publieke radiozender: met een stijging van 0,4% ten opzichte van vorig jaar zie je dat de zender nieuwe luisteraars aantrekt. Ook werpt de ‘verjongingskuur’ van NPO Radio 2 zijn vruchten af met een stijging in de groep 15-54 jaar en een daling in de groep 55+, terwijl NPO Radio 5 daar juist stijgt. Ten opzichte van de vorige periode maart-april scoorde NPO Radio 2 iets lager. NPO Radio 1 en NPO 3FM hebben deze maand hetzelfde marktaandeel van 7%. In vergelijking met vorig jaar scoort NPO Radio 1 licht hoger, NPO 3FM is aandeel verloren ten opzichte van vorig jaar als gevolg van het vertrek van de bekende middag-dj’s. NPO Radio 4 kent een lichte stijging ten opzichte van vorig jaar en heeft een stabiel marktaandeel rond de 2 procent.
Opvallend is het dat het luistertijdaandeel van NPO Radio 5 is gestegen van 2,8% naar 3,3%: een mooie stijging ten opzichte van vorig jaar en dat terwijl de zender zelfs van de AM is verdwenen. De luisteraars weten de zender goed te vinden. Luisteraars die NPO Radio 2 te jong vinden stromen vooral door naar NPO Radio 5 en NPO Radio 1. Het is mooi dat we deze groep bij de publieke omroep weten te behouden.
Met onder andere de sportzomer op NPO Radio 1, de start van het festivalseizoen op NPO 3 FM en Klassiek Geeft op NPO Radio 4 hoop ik dat ons totale aantal luisteraars volgende maand gaat stijgen, want daar valt nog een mooie slag te maken.
Rob van Stuivenberg
Onderzoeker bij de afdeling Publieksonderzoek van de NPO

de redactie

de redactie

NPO Ombudsman:  De open keuken van de journalistiek

In de afgelopen weken verscheen bij enkele spraakmakende nieuws- en actualiteitenuitzendingen een opvallende verantwoording over de werkwijze van de journalisten. Mooi, want zeker bij gevoelige onderwerpen wil het publiek weten hoe een programma of item tot stand kwam.
De ombudsman is er voor klachten. Maar de ombudsman deelt ook een pluim uit als het goed gaat. Programma’s leggen vaker én uitgebreid uit hoe een aflevering gemaakt is, onlangs nog bij Brandpunt+. Het is een bredere trend die ook in de kranten zichtbaar is, met kaders, kolommen en zelfs hele ‘Hoe we het deden’-pagina’s. Opmerkelijk, en opmerkelijk goed. Want het publiek vraagt steeds vaker hoe een journalist zijn werk doet, wáár cijfers vandaan komen, hoe een opinie onderbouwd of welk beeld gekozen wordt. Zeker bij gevoelige onderwerpen – of ze nu politiek explosief zijn of emotioneel veel losmaken – willen lezer, kijker en luisteraar er bovenop zitten.
In de keuken
Waarom zo’n verantwoording, zoals bij de Brandpunt+-afleveringen over kinderporno en #MeToo, daar waar journalisten niet altijd even graag hun receptuur prijsgeven? “Het past bij onze aanpak,” zegt eindredacteur Henk van der Aa. “We moeten accepteren dat journalistiek een open keuken is. Wij hebben twijfels en zorgen als we een programma maken. Die afwegingen wilden we delen. We zeggen niet: dit is wat u moet weten. We zeggen: kijk maar, lees maar met ons mee.”
Wanneer je kunt meekijken in de journalistieke keuken voelt het koksmes soms als een hakbijl. “Als je vier maanden onderzoek doet, tientallen mensen spreekt en uren beeldmateriaal tijdens de montage moet terugsnijden tot 25 minuten, raak je altijd wat nuances en afwegingen kwijt,” zegt Van der Aa. “Beschrijf je die dan in een verantwoording, dan krijgen we misschien iets van het vertrouwen van het publiek in ons werk terug.”
Grenzen aan de transparantie
Toch zitten er zeker ook grenzen aan journalistieke transparantie. Het melden van persoonlijke gegevens of informatie die tot de identiteit van een vertrouwelijke bron kan leiden, is uiteraard taboe. Maar moet je onderzoeksmateriaal doorspelen aan opsporingsautoriteiten? Nee: je bent journalist, geen politieman, zo concludeerde Brandpunt+ bij het onderzoek naar de downloaders van kinderporno. Of moet je interviews integraal publiceren, zoals sommige klagers bij de ombudsman bepleiten als ze stellen dat ze in een uitzending ‘verknipt’ zijn? Laat het hele interview maar zien, dan blijkt wel dat ik het anders bedoelde / anders gezegd heb / helemaal niet gezegd heb, dat is dan nogal eens de redenering.
Dat kan inderdaad aanvullend inzicht geven, het publiek kan dan zelf een oordeel vellen. Zo zette Zembla dit voorjaar beelden online van de aanhouding van een verslaggever in een Utrechts ziekenhuis. Dit nadat het ziekenhuis een versie gaf van het gedrag van de verslaggever die niet strookte met wat de opnamen lieten zien.
De ombudsman is niet per definitie voorstander van het integraal publiceren van zogenoemd ‘ruw materiaal’. Weinig interviews zijn een samenhangend geheel dat zonder knippen spannend blijft en uitzendbaar is. Vaak zijn interviews veel langer dan dat er uitzendtijd beschikbaar is. En verslaggevers zorgen door zorgvuldig editen ook dat iemand die niet zo’n begenadigd spreker is tóch heel goed over de bühne komt.
Verklaar je keuzes
Sommige Amerikaanse vakbroeders moeten volgens hun ethische code expliciet stellen: “This interview was edited for brevity and clarity.” (Dit interview is bewerkt om redenen van bondigheid en helderheid.). De ombudsman vindt dat nogal overdreven. Het is belangrijker dat wordt uitgelegd wanneer, hoe en waarom bij het maken van een journalistiek verhaal gewogen en gekozen wordt. Want dat is journalistiek: voor het publiek vinden, verwerken, verslaan, toelichten en duiden van belangrijke, nieuwe informatie. Gooi je de informatie zonder ordening en uitleg over de schutting naar het publiek, dan ben je een doorgeefluik of stenograaf in plaats van een journalist.
Je hoeft niet iedere korte quote in een nieuwsuitzending uit te leggen, ook dat zou overdreven – en niet haalbaar – zijn. Maar wel de verhalen met voorzienbare impact en mogelijk grote gevolgen voor betrokkenen en samenleving, zoals een programma dat grensoverschrijdend of strafbaar gedrag openbaart. De eindredacteur van Brandpunt+ zegt meer te zien in het “transparanter [zijn] over de afspraken en afwegingen achter een uitzending” dan in het publiceren van ruw materiaal.
Geloof in transparantie
“We hebben als journalistiek in het verleden misschien niet altijd goed genoeg uitgelegd welke keuzes we maken,” zegt Van der Aa. “Dat willen we nu wel doen.” Publiek (én ombudsman) zijn er blij mee. Transparantie over de journalistieke werkwijze is volgens het publiek een belangrijke remedie tegen het verlies van vertrouwen in de media. En van de publieke omroep wordt vaak nog wat extra’s verwacht. “Wat u doet wordt van mijn belastingcenten gemaakt…” staat dan in de tweede of derde zin van een klacht bij de ombudsman. Onderzoek van het Amerikaanse Pew Research geeft aan dat in grote delen van Europa publieke omroepen substantieel meer vertrouwd worden dan commerciële nieuwsmedia Een groot goed dat je wilt en móet behouden.
Nederland scoort in dat onderzoek een redelijke 50%, maar dat is niet uitzonderlijk stevig. De publieke omroep is ‘van ons allemaal’, al voelt dat niet voor iedereen zo, blijkbaar. Als uitleg over het journalistieke maakproces en de onderliggende keuzes blijken te helpen, wat let je dan? Uitbouwen, die initiatieven die er al zijn: meer items op de pagina’s Journalistieke Verantwoording van de NOS, nog meer uitleg in de vrolijke dagelijkse ochtendrubriek ‘De kritiek van Jan Publiek’ in het NOS Radio 1 Journaal. Bedenk nieuwe vormen van verantwoording, kijk desnoods naar wat elders in de wereld een succes is, zoals The Daily podcast bij The New York Times. Journalisten van de publieke omroep, gooi de keukendeur open!

de redactie

de redactie

Niels Hoogland: NPO FunX, The Sound of the City

The Sound of the City. Dat is wat je hoort als je naar NPO FunX luistert. En dan met name het geluid van de vier grote steden. Omdat we daar, naast natuurlijk overal online (website & app) en via DAB+, ook op FM te horen zijn. Dat is ook de reden dat je onze reporters en verslaggevers vooral daar op straat tegenkomt. Vandaar dus ook dat nog niet heel Nederland weet waar FunX voor staat. Toch is FunX er voor alle jonge mensen in Nederlandse steden die elke dag onderdeel zijn van de mix van verschillende culturen, meningen en sterk uiteenlopende muzieksmaken die de diverse bevolkingssamenstelling in deze steden met zich meebrengt. En dat beperkt zich dus niet tot Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht.
FunX biedt al sinds de start in 2002 een soort ‘staalkaart’ van alle verschillende culturen en invloeden in bovengenoemde steden. Dat begint met de medewerkers zelf: onze werkvloer is een dwarsdoorsnede van wat je in de stad op straat tegenkomt. Wij zijn dus niet anders dan ons publiek. Diversiteit is bij ons dus een automatisme: iedereen voelt zich vertegenwoordigd en dat merken we bij het invullen van vacatures. Het verhaal dat diversiteit op de werkvloer zo moeilijk te realiseren is herkennen wij juist totaal niet.
De wereld verandert sneller dan ooit. Door de digitalisering is het mediagebruik totaal verandert. Daar spelen wij natuurlijk ook op in. Inmiddels is FunX echt een ‘360 graden’ merk en dus, naast radio, op allerlei platformen actief: website & app, social media, evenementen, enzovoort. Met 700.000 tot 900.000 unieke bezoekers per maand op onze website, bijna 100.000 likes (Facebook) en snelgroeiende groepen volgers op Instagram en Snapchat is FunX één van de grootste communities voor stadsjongeren! Op al deze platformen zoeken we de dialoog met ons publiek. Zware onderwerpen gaan we daarbij niet uit de weg: de aanslagen in Brussel, Parijs en Turkije bijvoorbeeld. Waarom wordt hier verschillend op gereageerd in de Nederlandse media? Muziek, lifestyle, actualiteit en entertainment, maar ook belangrijke thema’s als school, werk, politiek, cultuur, familie en religie; het komt op FunX en FunX.nl allemaal aan bod en we gaan dus graag het gesprek aan. Ons zondagse programma Critix is hier een mooi voorbeeld van.
Ook de muziek die je op FunX hoort is een unieke mix: R&B, hiphop, latin, reggae, arab, dancehall, carribean, Turkpop, enzovoort. Gelukkig hebben we dankzij onze diverse werkvloer van elk genre wel een specialist in huis. Tijdens onze muziekvergadering maken we elke week een soort ‘wereldreis’ waarbij vooral het lokale talent niet wordt vergeten! Veel rappers, MC’s, dj’s, zangers, zangeressen en groepen hebben hun eerste air-time gekregen op FunX. Afrojack, Ali B, Ronnie Flex, Mr. Probz, Kenny B en Natalie la Rose hebben op FunX hun allereerste publiek bereikt. Vandaar dat deze maand voor de derde keer de FunX Music Awards in de Melkweg georganiseerd worden: dé awardshow voor Nederlandse artiesten uit eerder genoemde muziekgenres. Bovendien is de sfeer heel bijzonder, het is waarschijnlijk de enige awardshow waar het voor, op en achter het podium helemaal los gaat!
Dit jaar hebben de FunX-luisteraars maar liefst veertig verschillende nominees geselecteerd. Deze dj’s, zangers, zangeressen en MC’s maken kans op awards als Best Singer, Best Video, Best Style en Best Online Présence. Op de avond zelf treden Ronnie Flex, Broederliefde, Mr. Polska, SFB, F1rstman, Dyna, SBMG, Jayh, Rochelle, Cho, I Am Aisha, Dio, Kalibwoy, Fajah Lourens, Bokoesam, Spanker en Italy live op. En zojuist bevestigd: ook The Partysquad, Lijpe en (dj) Violaterz zijn toegevoegd aan de line-up voor de FunX Music Awards van 2016!
Tot vlak voor de start van de Award-show op woensdag 25 mei geven we op FunX en FunX.nl nog kaarten weg voor de FunX Music Awards, de enige manier om het event mee te maken. And trust me, daar wil je bij zijn. We worden nu al flink gestalkt, dus de buzz voor deze 3e editie is beter dan ooit!
Niels Hoogland, Adjunct Zendermanager NPO FunX
De FunX Music Awards worden woensdag 25 mei uitgereikt in de Melkweg, met optredens van onder andere Ronnie Flex, Broederliefde en Mr. Polska. Kijk voor meer informatie op FunX.nl/Awards

de redactie

de redactie

Niels Hoogland: Meer stemmen dan ooit!

Het publiek van FunX heeft de ‘waarde’ van de belangrijkste Nederlandse urban music prijzen dit jaar nog flink vergroot, want waardering van je publiek, daar doe je het als artiest natuurlijk voor.
Voor ons, bij NPO FunX, gaat het er bij het jaarlijks uitreiken van de FunX Music Awards vooral om de Nederlandse urban music scene in de schijnwerpers te zetten en de succesvolle ontwikkeling ervan te vieren. En dat laatste is natuurlijk meer dan terecht want in tijd van een paar jaar is deze ‘scene’ echt gigantisch doorgebroken. Nederlandstalig urban muziek is al langer populair, de digitalisering heeft dit een stuk zichtbaarder gemaakt, maar de kwaliteit van de muziek is de laatste jaren ook zo toegenomen dat we er niet eens meer echt van staan te kijken dat de ene mijlpaal na de andere wordt bereikt.
Laat ik een aantal voorbeelden van zulke mijlpalen geven: Broederliefde, dat Marco Borsato’s record voor langst op nummer 1 genoteerde album verbeterd en een groot concert in het stadion van Sparta geeft. Sevn Alias, die niet alleen alle grote festivals van vorig jaar plat speelde, maar met ‘Gass’ ook de best bekeken Nederlandstalige Youtube musicvideo ooit afleverde. Boef, die alle streamingrecords verbrak met zijn album ‘Slaaptekort’ en zo gaande is dat hij de hoofdprijs ‘Artist of the Year’ won.
Het is dan ook met trots dat we al deze en nog veel meer acts op het podium van Paradiso mochten aankondigen. Echt een ‘dikke fissa’ voor alle artiesten, maar natuurlijk ook voor ons publiek. Het voelt zo goed om het jongerenmerk te zijn met het meest diverse publiek in Nederland, verbonden door het stadsleven en ‘the sound of the city’. Samen delen we die liefde voor deze muziek en deze artiesten. En de FunX Music Awards zijn eigenlijk een soort ‘thank you’ voor de goede relatie die we met al deze ‘hitmakers’ en hun fans (het publiek van FunX) hebben.
Als je er nog even van wilt nagenieten: www.FunX.nl, onze social media en ‘on-air’ natuurlijk. Maar we zijn er nog niet helemaal want voor het eerst is er dit jaar ook een speciale registratie voor NPO 3 gemaakt door BNN-VARA die aanstaande zaterdag om 22.20 uur te zien zal zijn met Fernando, onze morning hero, als interviewer. Nog even extra genieten dus.
Niels Hoogland
zendermanager NPO FunX

de redactie

de redactie

Martijn van Dam: ‘NPO blaast je filterbubbel op’

We doen het ontzettend goed als NPO. Onze tv- en radiozenders zijn onverminderd populair en mensen weten ons on demand-platform NPO Start en ons verdere online aanbod heel goed te vinden. Hierdoor kunnen we onze maatschappelijke functie goed vervullen. Die maatschappelijke functie was voor mij één van de belangrijkste redenen om vorig jaar bij NPO te gaan werken. We zorgen ervoor dat je alle informatie hebt om je een mening te kunnen vormen en we leveren een belangrijke bijdrage aan onze cultuur door mensen samen te laten genieten van de beste Nederlandse programma’s en series.
Steeds slimmere technologie
Het leuke en uitdagende vind ik dat we daarvoor in deze tijd steeds slimmere technologie moeten inzetten. Mensen raken eraan gewend om zelf te bepalen wat ze kijken en luisteren en ook wannéér ze dat doen. Daarom is er geen Uitzending Gemist meer, maar heet ons nieuwe platform NPO Start: de plek om zelf je eigen tv-avond te starten. Dat betekent ook iets voor hoe we onze publieke taak invullen. Bij ons gaat het er niet om zoveel mogelijk mensen zoveel mogelijk minuten te laten kijken; we willen vooral iets betekenen voor jou als kijker of luisteraar.
Ik heb het afgelopen jaar gebruikt om de omroepwereld van binnenuit te leren kennen en een visie te ontwikkelen op de toekomst. Ik ben daarbij zeer onder de indruk geraakt van de enorme betrokkenheid en professionaliteit van onze organisatie. Er worden bij NPO topprestaties neergezet op het gebied van technologie en distributie. Intern hebben we de afgelopen maanden onze technologie-afdeling vernieuwd om nog sneller en beter te kunnen voldoen aan de verwachtingen van ons publiek. En we werken hard aan een nieuw innovatiebeleid, zodat we binnen de publieke omroep gebruik maken van alle creativiteit en kennis om snel nieuwe technische mogelijkheden te kunnen benutten.
Persoonlijker
De belangrijkste beweging die we maken is om de publieke omroep steeds persoonlijker te maken. Je kunt al vrijuit grasduinen in ons grote aanbod: op NPO Start staan meer dan 100.000 programma’s. Maar we gaan je ook helpen om programma’s te vinden die bij je interesses aansluiten of om nieuwe dingen te ontdekken. Net als alle grote platforms gebruiken we daar data voor. Maar ik wil dat we daar als publieke omroep heel anders mee omgaan dan bijvoorbeeld Netflix en YouTube. Wij gaan daarom beginnen aan het ontwikkelen van publieke data-algoritmen, waarmee we je programma’s of items gaan aanbevelen. We willen je daarmee ook op NPO Start en online breed informeren, je verdieping aanbieden en het verhaal van alle kanten laten zien. Daarmee blazen we je filterbubbel op: bij ons wordt niet je blik vernauwd, wij helpen je juist om ‘m te verbreden!
Verrassen
Door data-algoritmen van de grote internationale platforms ervaren we steeds minder samen. Wij willen daar als NPO tegenwicht aan bieden. Met algoritmen die juist maatschappelijk nuttig zijn, die je helpen om je te verdiepen en je blik breed te houden. Wij willen wel personaliseren, maar juist zonder te individualiseren. We gaan beginnen door je te verrassen met programma’s die meer ‘publieke waarde’* hebben. Ook gaan we een algoritme ontwikkelen, dat je na het kijken van een programma de kans geeft om over het onderwerp in het programma meer te weten te komen. Stel dat je DWDD hebt gekeken over de hackactiviteiten van de Russische geheime dienst, dan bieden we je met één klik ook de reportage van Nieuwsuur over hetzelfde onderwerp aan. Maar ook een gesprek met een deskundige in Jinek, én een documentaire over het werk van geheime diensten. Ook onderzoeken we hoe we pluriformiteit in algoritmen kunnen vertalen, door verschillende opinies op belangrijke thema’s aan te bieden. Zo kun je altijd een brede kijk op het nieuws houden. We willen mensen buiten onze organisatie inschakelen om mee te denken en mee te kijken. Wetenschappers bijvoorbeeld, en andere publieke organisaties en bedrijven. En naast onze eigen omroepen denk ik ook aan andere publieke omroepen in Europa. Zo was ik laatst bij de VRT, waar heel enthousiast werd gereageerd op deze ideeën. We gaan nu kijken hoe we hierin kunnen samenwerken.
Kunstmatige intelligentie
En verder? Als ik vijf tot tien jaar vooruit kijk, zie ik dat kunstmatige intelligentie steeds belangrijker wordt. Alle apparaten gaan met je praten en gaan proberen je zo persoonlijk mogelijk te bedienen. Nu zijn het nog algoritmen die je programma’s aanbevelen, in de toekomst gaat de robot op je scherm of in je speaker de content voor je selecteren. Ik wil onderzoeken hoe publieke omroepen kunstmatige intelligentie op een maatschappelijk goede manier kunnen benutten, zonder de ethische dilemma’s daarbij uit het oog te verliezen. Dat is nu nog toekomstmuziek, maar dit soort ontwikkelingen gaan altijd harder dan je denkt en zullen een enorme impact gaan hebben op hoe we met media omgaan.
We willen vaart maken met al deze ambities, ook al is het lastig om er een tijdspad aan te hangen. Wij gaan bij NPO in ieder geval hard aan de slag om deze ideeën samen met alle omroepen te realiseren. En we blijven naar de toekomst kijken. We zijn van iedereen, we zijn ook jouw publieke omroep, dus we staan open voor ideeën, voor kritiek en voor goede suggesties voor de verbetering van onze diensten!   Martijn van Dam, 8 oktober 2018   Martijn van Dam is sinds september 2017 lid van de raad van bestuur van de Nederlandse Publieke Omroep. In deze bijdrage schetst hij een aantal belangrijke ontwikkelingen van NPO op het gebied van zijn portefeuille: technologie en innovatie.
Foto: Martijn van Dam (NPO / Sander Koning)

de redactie

de redactie

Mailtjes over AVG, wat moet ik er mee?

De afgelopen week liep mijn mailbox aardig vol met berichten over AVG. Het lijkt erop dat alle websites en diensten waarvoor ik mij ooit heb aangemeld, een middel hebben gevonden om mij te laten zien dat zij nog steeds actief zijn. Je zou kunnen zeggen dat zij oneigenlijk gebruik maken van mijn persoonlijke gegevens om reclame te maken voor zichzelf!
Waarom is de AVG, wat staat voor Algemene verordening gegevensbescherming, vandaag van kracht geworden? Kort samengevat: voor de bescherming van onze persoonlijke gegevens. Bedrijven moeten vanaf nu inzicht geven welke gegevens zij van mij hebben, waarom en hoelang ze deze bewaren, met wie zij het delen en hoe veilig zij deze opslaan.
Vervelend die invoering? Niet voor mij als persoon. Vanaf vandaag heb ik de controle over wat er van mij wordt opgeslagen. En dat geldt voor iedereen die gegevens van mij, als Europeaan, opslaat en bewaart. Dan zijn, om maar een paar voorbeelden te noemen, mijn werkgever, energieleverancier en bank. Ik mag het inzien, als het niet klopt laten aanpassen of als het nodig is zelfs laten verwijderen.
En dit geldt niet alleen voor bedrijven en instellingen. Ook informele clubjes die een website hebben, zich richten op gebruikers uit de EU en daar bijvoorbeeld een contactformulier op hebben staan en/of een ledenlijst hebben moeten voldoen aan de AVG. Dus ook deze site die jij nu bezoekt en waar je waarschijnlijk ook lid van bent.
Al in een vroeg stadium is onze leverancier die verantwoordelijk is voor de ontwikkeling en onderhoud van de software aan de slag gegaan met het aanpassen voor AVG. Naast veiligheid zijn ook alle elementen uit deze verordening opgenomen. Dat wij de juiste partij hadden gekozen voor de software van deze community wisten we al, maar goed om het nog eens bevestigd te krijgen. 
Moesten wij dan helemaal niets doen? Nee, want wij hebben toch gekozen voor een gerenommeerde serverprovider en een betrouwbare software leverancier? Beide hebben hun zaakjes toch goed orde? Daarnaast hebben wij, als de beheerders van deze site, privacy hoog zitten en werken we al volgens de AVG? Nou, we moesten nog wel even ons privacybeleid vastleggen en aan jullie bekend maken zodat jullie weten hoe wij het hebben geregeld en hoe wij dit uitvoeren. En zoals de AVG voorschrijft: wij moeten jullie vragen of er jullie kennis van hebben genomen en of jullie het er mee akkoord zijn. 
En dan komt de juiste keuze van de software leverancier weer om de hoek kijken. Gewoon bij het inloggen op de site de vraag stellen of je het hebt gelezen, begrepen en er mee akkoord bent. Met één klik ben je klaar, geen vervuiling van je mailbox.
En al die AVG mailtjes in mijn mailbox? Die zijn inmiddels naar de prullenbak verhuisd.    Vincent Schriel, 25 mei 2018

Vincent

Vincent

Laurens Borst: Veranderingen op NPO Radio 1

Het medialandschap verandert snel. Ook in het nieuwe jaar 2018 zal deze ontwikkeling doorgaan. Bij NPO Radio 1 merken we ook dat de tijden veranderen.
Als traditionele snelste brenger van het nieuws heeft NPO Radio 1 tegenwoordig concurrentie gekregen van apps op de telefoon die een seintje geven bij breaking news. En net als bij tv is het een trend dat luisteraars vaker hun eigen moment kiezen om naar hun favoriete programma’s te luisteren via de NPO Radio 1 site of via de mobiele app. En in navolging van de Verenigde Staten rukt ook de podcast langzaam op in ons land. NPO Radio 1 biedt al een tijdje allerlei bestaande, maar ook exclusieve programma’s via podcasts aan. En er komen er nog veel meer aan, waaronder een dagelijkse podcast. De voorbereidingen zijn bij alle omroepen in volle gang.
Het zijn allemaal stuk voor stuk interessante ontwikkelingen die ons enorm uitdagen om NPO Radio 1 verder te vernieuwen en te verbeteren. Maar in de eerste plaats blijven we natuurlijk in deze tijden van nepnieuws de betrouwbaarste nieuws- en sportzender van Nederland. Een zender waar je altijd het gesprek van de dag kunt volgen. Met alle achtergronden, duiding en opinies die daarbij horen. Een zender waar we niet alleen 'zenden', maar waar luisteraars ook bij verschillende programma's betrokken worden. 
  Vernieuwde radioprogrammering
Ondanks alle uitdagingen die online op ons af komen en die we niet ongemerkt voorbij laten gaan, blijft onze radioprogrammering natuurlijk ook in 2018 nog het hart van onze zender. Het afgelopen jaar was de programmering - zo blijkt onder meer uit de cijfers - succesvol, maar samen met alle omroepen hebben we bij NPO Radio 1 alle zeilen bijgezet om vanaf 1 januari de programmering nog meer de moeite waard te maken. Een greep uit de vernieuwingen; Er is meer geld uitgetrokken voor onderzoeksjournalistiek in de doordeweekse dagprogrammering. Behalve Reporter Radio en Argos (weekend) zullen De Nieuws BV en Spraakmakers regelmatig met onthullingen komen. Spraakmakers is de nieuwe naam voor de vernieuwde formule van De Ochtend met vertrouwde, maar ook nieuwe rubrieken. Doordeweeks tussen 11.30 en 12.00 uur Eén op één, een stevig interviewprogramma met Sven Kockelmann. Iedere middag in De Nieuws BV tussen 13.30 en 14.00 uur een verrassende dagelijkse sportrubriek. EenVandaag tussen 15.30 uur en 16.00 uur een dagelijkse politiek halfuurtje. Terug van weggeweest, maar bij een nieuwe omroep en met een gloednieuw programma Nieuwsweekend, Peter de Bie en Mieke van der Weij. Op zaterdag tussen 13.00 en 14.00 uur Dr. Kelder en Co, een talkshow met Jort Kelder en talentvolle academici. Het populaire eet- en kookprogramma Mangiare! met Petra Possel is voortaan iedere week op vrijdag te beluisteren tussen 19.30 en 20.30 uur. Tijdens de Olympische Winterspelen in Zuid-Korea komen we net als bij de Tour de France iedere dag met een speciaal programma voor de sportliefhebbers. Samen met onze vertrouwde programma’s zoals onder andere Het Radio 1 Journaal, Met het Oog op Morgen, Vroege Vogels, De Taalstaat, Langs de Lijn, Kunststof, Dit is De Dag, Nooit Meer Slapen en Opiniemakers, kan iedereen zeker iets van zijn of haar gading vinden bij NPO Radio 1.
Mede namens alle makers wens ik u een mooi luisterjaar!
Laurens Borst, zendermanager NPO Radio 1 

de redactie

de redactie

Jurre Bosman: “Bewogen en bevlogen jaar voor publieke radio”

Het is de één na laatste dinsdag van januari, de dag van de luistercijfers van november - december én daarmee heel 2016. Iedereen die bij de radio werkt voelt rond de klok van 8 uur dezelfde lichte spanning: in de radiostudio, op de redacties, daar waar de radiomakers hard aan het werk zijn. Voor mij persoonlijk zijn het de eerste cijfers als directeur NPO Radio sinds mijn aanstelling in november, wat maakt dat ik iets meer gespannen ben dan voorgaande jaren. Het eindresultaat van 2016 maakt mij trots. Drie van de vijf publieke radiozenders boekten winst. NPO 3FM zag zijn aandeel zakken, maar heeft met de jongste club dj’s ooit in korte tijd al grote stappen gezet richting een all-round en volwaardig jongerenmerk.
Niet alleen qua nieuws was 2016 een bewogen jaar. Ook op zenderniveau is er veel gebeurd. Het uitgangspunt van publieke radio is dat iedere Nederlander terecht kan bij een zender naar zijn of haar smaak. Een zender met de muziek, dj’s, interactie en onderwerpen waar luisteraar zich bij thuis voelt. Vernieuwing en een sterkere zenderprofilering is dan essentieel. Zo hoor je nu op NPO Radio 2 op de zaterdagavond soul, funk en disco tijdens de Soulnight. Dit jaar hebben een aantal dj’s van NPO Radio 2 de overstap gemaakt naar NPO Radio 5, en zijn andere dj’s verhuisd van NPO 3FM naar NPO Radio 2. Zo ontstond er bijvoorbeeld ruimte voor nieuw talent bij NPO 3FM.
Alle veranderingen bij de publieke radiozenders hebben zijn weerslag op de jaarcijfers. Drie van de vijf publieke radiozenders boekten winst in het luistertijdaandeel op 10+. NPO Radio 5 heeft een opfrissing ondergaan en met succes. Het aandeel van de zender is met 3,2% hoger dan ooit. NPO Radio 2 was in 2016 de op een na best beluisterde zender van Nederland op 10+. NPO Radio 4 wist het aandeel van 1,9% vast te houden. Het is geen verrassing dat het jaarcijfer van NPO 3FM daalt. Maar voor een zender die volop in ontwikkeling is, laten we ons nu niet leiden door cijfers. Wel door nieuw talent, nieuwe muziek en nieuwe ervaringen.
Bij de publieke omroep zijn cijfers niet zaak nummer één. We hebben een publieke taak. En in 2016 kwam die, naar mijn mening, meer dan ooit naar voren. Vaste waarden als NPO Radio 1 Sportzomer (won vorige week nog de impact-Award op het RadioGala), de Evergreen Top 1000 op NPO Radio 5, de FunX DiXte 1000 en de Hart en Ziel Lijst op NPO Radio 4 laten zien dat meer en meer luisteraars de themaweken en bijbehorende evenementweten waarderen en te vinden, op radio, online en in het land. We zijn in 2016 gestart met NPO Campus, waar we sinds kort ook radio-talenten voor NPO Radio 4 opleiden. Het resultaat daarvan is het nachtprogramma Voor De Dag, waarin je vier talenten om beurten in de vroege ochtend op NPO Radio 4 hoort. Samen met NOSop3 dook FunX dit jaar op een bijzonder integere manier in de wereld van thuisloze jongeren in: uit zicht. Betrokkenheid, interactie en verbinding in één interactieve special: wat mij betreft één van de hoogtepunten van 2016.
De NPO Radio 2 Top 2000 en 3FM Serious Request waren dit jaar publieke radio op zijn best. 3FM Serious Request 2016 is op radio, tv en online gevolgd door 9,9 miljoen mensen. De unieke combinatie van interactie en verbinding op alle platformen, liefde voor muziek en maatschappelijke betrokkenheid krijgt nog altijd veel waardering. Zo vindt 72% van de jongeren dat de actie een positieve invloed heeft op de samenleving. Ook buiten de Nederlandse grenzen heeft de actie impact: in totaal hebben alle Glazen Huizen wereldwijd 198 miljoen euro opgebracht, waarmee een hoop goede doelen zijn gesteund. Dát is de ongelofelijke kracht van één radioprogramma, waar NPO 3FM ooit mee begonnen is. De 18e editie van de Top 2000 brak alle records: de lijst der lijsten bereikte circa 10,5 miljoen Nederlanders van 10 jaar en ouder. Het radiobereik en het online bereik waren nooit eerder zo hoog als afgelopen jaar. Luisteraars in de doelgroep van 35-54 jaar waarderen de Top 2000 met een mooie 8,0.
In 2016 hebben we grote stappen gezet in de richting van het meest toonaangevende radiobedrijf van Nederland. Er staan zes sterke herkenbare zendermerken rechtop overeind, elk met een duidelijke profilering. Door middel van impactvolle programma’s blijven deze zenders zich van elkaar en andere zenders onderscheiden. Ook in 2017 blijft publieke radio zich vernieuwen en onze luisteraars en volgers prikkelen. Dat doen we - samen met de omroepen - op een betrokken en onafhankelijke manier, voor een zo breed mogelijk publiek. Voor iedereen.
Jurre Bosman, 25 januari 2017   Foto Jurre Bosman - Directeur Radio (NPO - Michel Schnater)

de redactie

de redactie

Hans Knot: Zendtijd politieke partijen

Zaterdagmorgen 21 februari werd een grote kraan op een vrachtauto gebruikt om de enorme publicatieborden voor de komende verkiezingen te plaatsen op verschillende plekken in onze stad. Dat betekent de komende weken weer de nodige publiciteit op radio en televisie voor alle deelnemende politieke partijen.
In gedachten bij dat grote kleurrijke bord kwam een incident naar boven wat betreft de zendtijd voor politieke partijen. Op de radio was het de HDO, de Hilversumsche Draadloze Omroep, die in 1925 als eerste de gelegenheid gaf een verkiezingsrede via de radio uit te zenden. In 1930 werd er door de regering via het zogenaamde ‘zendtijdbesluit’ vervolgens politieke zendtijd verdeeld over de vijf verzuilde verenigingen die er destijds waren. Gevolg was dat de liberalen, die niet in het zuilensysteem waren vertegenwoordigd, hun stem dus ook niet konden laten horen.
Drie jaar later kon gelukkig ook deze groepering de zendtijd vullen met de boodschap aan potentiële kiezers. In 1937 kwam er een onderbreking daar de toenmalige regering het vanwege de internationale spanningen niet verantwoord achtte politiek te laten bedrijven door partijen op de radio. Tien jaar later, in 1947, werd er voor de verkiezingen wel weer zendtijd toegewezen.
Aan het einde van de jaren vijftig werd aan alle partijen tien minuten zendtijd per twee weken op de radio toegewezen. Tijdelijke uitzondering daarop was dat de CPN, de Communistische Partij Nederland, die zendtijd werd afgehouden daar, volgens de regering, de mogelijkheid tot ondermijnen van volksvrijheden bestond. In 1962 kwam vervolgens ook de televisiezendtijd voor politieke partijen.
Als je nu de zendtijd voor politieke partijen beluisterd of bekijkt zijn dat allemaal vooraf opgenomen, perfect gemaakte, praatjes, die in woord en/of beeld duidelijk de boodschap van de betreffende partijen proberen over te brengen. Vroeger ging het veel anders en was bijvoorbeeld de partijleider te gast in een studio van de Nederlandse Televisie Stichting (NTS) om live zijn verhaal te doen. Tot dat het op 22 februari 1967 opeens helemaal mis ging. Op het tijdstip dat de Boerenpartij haar tien minuten mocht vullen kwam geen enkele vertegenwoordiger van die partij in de studio van de NTS en ging de zendtijd verloren. Boer Koekoek en zijn geestverwanten bleken vergeten te zijn dat ze zendtijd hadden.
De NTS-omroepster deelde de kijkers dan ook mede dat de Boerenpartij niet op de hoogte bleek te zijn van het feit dat men over zendtijd beschikte, en deze dus kwam te vervallen. De pers- en propagandachef van de Boerenpartij, de heer A. J. M. Ebens uit Groningen, verklaarde de volgende middag dat de Boerenpartij geen bericht van de NTS had ontvangen dat zij politieke zendtijd had. Of deze verklaring juist was, is nooit duidelijk geworden evenals de vraag of hier van opzet sprake was.
Hans Knot, 24 februari 2015

de redactie

de redactie



×

Belangrijke informatie

Door gebruik te maken van deze site ga je akkoord met onze Gebruiksvoorwaarden, Privacybeleid, en We hebben cookies op je apparaat geplaatst om de werking van deze website te verbeteren. Je kunt je cookie-instellingen aanpassen. Anders nemen we aan dat je akkoord gaat.