Jump to content

hans knot

Members
  • Content Count

    1,560
  • Joined

  • Last visited

Community Reputation

2,681 Excellent

About hans knot

  • Rank
    Expert

Profile Information

  • Location
    groningen
  • Interests
    radio historie, jingles, tunes, zeezenders <br /><br /><br /><br />

Contact Methods

  • Website
    www.hansknot.com en www.soundscapes.info
  • Facebook
    hans knot
  • Twitter
    geen

Recent Profile Visitors

The recent visitors block is disabled and is not being shown to other users.

  1. Ik heb de zin inzake Sliep uit iets aangepast. dank allen, jullie hadden het er maar druk mee. En inderdaad had ik het over 1971. Zijn we allemaal weer wat opgefrist.
  2. Syd Lawrence Orchestra, the – Hawaiian War chant. Dit nummer is afkomstig van de in 1975 door Philips op de markt gebrachte lp ‘Singing’ ‘n’ ‘Swinging’ van voornoemd orkest uit Engeland. Hawaiian War Chant" is een Amerikaans volksliedje waarvan de originele melodie en tekst in 1860 door prins Leleiohoku werd geschreven. Als filler in het programma en als promo gebruikte Peter van Dam dit nummer bij ‘De landelijke Hitparade’ bij Radio Mi Amigo. Dit programma was een tijdje elke maandag, dinsdag, donderdag en vrijdag te beluisteren bij het station. Syd Lawrence Orchestra, the - Hawaiian War chant. This song is from the 1975 Philips released album 'Singing' 'n' 'Swinging' by the aforementioned orchestra from England. Hawaiian War Chant" is an American folk song whose original melody and lyrics were written by Prince Leleiohoku in 1860. As a filler in the programme and as a promo Peter van Dam used this song for 'De landelijke Hitparade' on Radio Mi Amigo. This program could be listened to at the station every Monday, Tuesday, Thursday and Friday for a while. https://filesender.surf.nl/?s=download&token=da28ab99-dfac-4250-ba26-79a5300dff40 geen you tube voorbeeld
  3. dank en het antwoord is: Ik heb deze versie nooit eerder gehoord
  4. Ik zie nu wat je bedoelt inderdaad 'verschrijving' wordt anders
  5. Helaas Juul met dank voor de opmerking maar het is Ton Droog zo staat het ook in zijn e mail adres In het interview waaruit ik citeerde heeft Tom Collins hetzelf gehad over het programma Sliep uit. Het kan dus medio 1971 gewijzigd zijn in de andere naamgeving.
  6. Vandaag deel 3 aan herinneringen in het jaar 1971, een column langer dan normaal en die in het teken staat van Tom Collins. Op de radio had iedereen in 1971 zo zijn eigen favoriete station, waarbij Radio Luxembourg het in de avond won bij velen en verder Radio Noordzee en Veronica overdag nog steeds meer luisteraars haalden als het door de regering in de strijd geworpen Hilversum 3. Vele nieuwe deejays waren er bij gekomen dat jaar met de start van de Nederlandstalige afdeling van Radio Noordzee. Anderen zouden zich blijven hechten aan hun favoriete deejays op Radio Veronica. De lange aan een kant stille en aan de andere kant drukke deejay Tom Collins, was bij velen geliefd en anno 2020 hebben we het met andere radiovrienden nog vaak over zijn goede programma’s. Iedere doordeweekse morgen was hij te beluisteren op de 192 meter. Tom, die officieel Ton Droog heet, leeft de laatste jaren een teruggetrokken leven en wilde in 1999, op de grote Veronica reünie, slechts betrokken zijn bij de productie van enkele promotiespots mits daar verder niemand anders bij was dan technicus Ad Bouman. Op de vele feestelijke avonden verscheen hij echter niet. In de loop der jaren was hij ook moeilijk te interviewen. Ik heb diverse malen gepoogd hem te strikken maar, o­ndanks dat hij zich altijd weer vriendelijk opstelde, was het antwoord iedere keer weer ‘nee, geen behoefte’. In mijn behoorlijk groot archief over de afgelopen 60 jaar aan muziek en radiohistorie, zijn duizenden interviews terug te vinden met o­ngelofelijk veel mensen. Het blijkt dat ik niet alleen was met de mislukte pogingen. Slechts twee interviews met Collins zijn terug te vinden, waarvan enkele hoogtepunten. Beiden zijn meer ‘een gesprek tussen collega’s van Veronica’, waarbij – o­ndanks dat hij eigenlijk helemaal niet over zichzelf wenste te praten – Tom het één en ander over zichzelf vertelde. ‘Ja voor Veronica heb ik ook als deejay gewerkt bij Radio 227. Veronica is té gek’. Tja reclame voor eigen huis kan niet beter. De gesprekken werden met Tom gevoerd door Lex Harding en Will Luikinga, soms bijgestaan door commentaar van Juul Geleick’. Tezamen met onder meer Lex Harding en Jos van Vliet had Collins bij Radio 227 gewerkt op de MV Laissez Faire. Een station gericht op Nederland, dat verankerd lag voor de Britse kust. Reden was de aanwezigheid van een zusterstation, Radio 355, dat commercieel het gewin uit Engeland diende te halen. Toen de Britse overheid inzag dat er een wet tegen de zeezenders diende te komen, besloten de Amerikaanse eigenaren van Radio 227 de knop om te draaien. De huur op het zendschip, dat ze gebruikten, was op 6 augustus verlopen en men had geen zin om het nog eens te verlengen en dus werden de uitzendingen beëindigd, ver voor de andere op Engeland gerichte zeezenders hun activiteiten staakten . Zowel Van Vliet als Harding vonden vrijwel direct een baan bij Radio Veronica. Op een dag besloot Jos van Vliet de Veronica organisatie te verlaten en meldde dat hij wel een vervanger voor hem wist in de persoon van Tom Collins. Lex kreeg de opdracht Tom te bellen maar bereikte hem niet. Twee maanden later kwam er weer een probleem met een van de personeelsleden, waaruit de aanstelling van Collins alsnog volgde. Het probleem bestond uit de zeeziekte die één van de nieuwslezers constant overkwam en dus diende er voor vervanging te worden gezorgd. Het bleek om Hans Mondt te gaan, die een aanstelling als presentator aan land zou krijgen. Collins had zoal de nodige ervaring op het andere zendschip, gelegen voor de Britse oostkust. Daar had je eigenlijk alleen problemen als er stevige oostenwind was, maar ook dat had hem niet van slag gebracht. En voor de kust van Nederland, zo bleek later, was het ook geen probleem: ‘Ik dacht dat ik wel tegen de storm kon en het baantje leek me ook best aardig. Inderdaad kon ik goed tegen de storm, want zelfs bij windkracht twaalf had ik geen centje pijn’. Er waren meer van de bemanningsleden die tegen het slechte weer konden. Zo is het verhaal van zendertechnicus José van Groningen legendarisch dat hij, bij windkracht 11, rustig aan dek ging staan – zijn collega’s o­ndertussen aanschouwend hoe zij hun maaginhoud leegden – om o­ndertussen een kop met heerlijke vette soep te nuttigen. Over zijn tijd op zee herinnerde Collins zich dat hij eigenlijk een vreemde eend in de bijt was. Zo ruimde hij steeds de boel, door hem en anderen gemaakt op, hetgeen men aan boord van de Norderney nogal vreemd vond. Hij kreeg er de nodige opmerkingen over maar is er nooit ‘onder de mand vandaan gezongen’. Een speciaal ritueel die men aan boord als een soort van inwijdingsplechtigheid soms diende te o­ndergaan. Collins: ‘Ze hadden dan een heel verhaal over een matroos die zo vals zong, dat je binnen een minuut o­nder de mand vandaan moest kruipen, waar je daarvoor eerst eronder moest kruipen aan dek. Praktisch iedereen die nieuw aan boord van de Norderney was, moest dit o­ndergaan. Zodra de betreffende persoon o­nder de mand zat stond de gehele bemanning erom heen en ging een paar putsen met water over de mand en haar inhoud. Kleddernat kwam de persoon eronder vandaan en dan heette het dat hij er o­nder vandaan was gezongen.’ Was de studio aan boord van de Norderney in de jaren zeventig van de vorige eeuw goed geoutilleerd zo was het in de jaren zestig behelpen geblazen volgens Collins: ‘Er waren wel een paar van die recorders, maar die hadden ze op een paar houten kastjes gezet en die stonden midden in het vertrek. Er stond een losse meter met koperdraad vastgebonden. Echt behelpen. Alles was geschilderd in een sombere grijze kleur en het geheel was eigenlijk een beetje sfeerloos. We hebben er later wel voor gezorgd dat het allemaal een beetje gezelliger werd. Wekenlang hebben we staan te schilderen en is het eigenlijk wel een gezellig hok geworden.’ Collins gaf grof toe dat bij het harde werken zichzelf van de positieve kant was tegengekomen. Als een man met twee linker handen, zo stelde hij, had hij leren aanpakken, waarbij hij het voor zichzelf niet voor mogelijk had gehouden wat hij zoal bij elkaar had geknutseld. Zelfs het bouwen van een complete versterker hoorde, volgens hem, tot zijn werkzaamheden……….en ‘hij deed het ook nog’. Hij liet nog het één en ander los over de studio aan boord van de Norderney: ‘In die tijd waren er geen pick-ups. Alles ging op de recorders en als je een programma life moest maken, wat wel eens voorkwam, zat je daar voor het blok. Uit oude programmabanden zat je platen te knippen die niet waren ingesproken, zodat ze konden worden hergebruikt. Ook werd een instrumentaaltje op die manier opgezocht, voor gebruik als tune. Al die dingen werden op aparte bandjes gezet en op volgorde gelegd. De technicus wist dan precies de volgorde van het opleggen en afspelen van de bandjes op de twee aanwezige AKAI recorders.’ En er dient natuurlijk wel aan toegevoegd te worden dat noodprogramma’s vaak voorkwamen bij slecht weer, als er dus geen nieuwe programmabanden door de tender, Ger Anne, aan boord gebracht konden worden. Collins over die omstandigheden: ‘Je maakte je programma o­nder in de slingerende studio, waar iedereen zich constant moest vasthouden en bandjes moest opleggen. Het is altijd gelukt, maar vraag niet hoe. Als zo’n programma van een uur klaar was, had je gelijk voor de gehele dag genoeg. Gelukkig waren er een paar technici die, als Radio Veronica ’s nachts na één uur uit de lucht was, af en toe platen uit de banden knipten, omdat ze geen zin hadden om naar bed te gaan. Anders was het helemaal een puinhoop geworden.’ Later kregen men complete banden aangeleverd vanuit de studio in Hilversum met daarop de nieuwste platen. Deze werden vooral gebruikt voor in het zondagmiddag programma ‘Sport uit Zee’, dat tussen half vijf en vijf uur eruit ging op de 192 meter. Collins: ‘Tegenwoordig (1971) hebben ze twee pick-ups staan, recorders en cartridges machines. En als er iets aan de hand is met de banden kun je een uitstekend programma maken aan boord. Er is een prachtig mengpaneel en zelfs een heerlijk compleet bankstel. En bovendien is er beneden ook een ijskast en televisie, die er eerder ook niet waren.’ Over zijn tijd aan boord vertelde Tom dat voornamelijk er perioden waren van een week aan boord en een week verlof aan land. De langste periode aan boord was elf dagen lang. En met hard werken was een dergelijke periode zo weer om. In totaal heeft Tom over een periode van elf maanden aan boord gewerkt en eigenlijk elke dag plezier en pret gehad: ‘Ze zeggen dat de Scheveningers o­ntzettend stugge mensen zijn, maar ’s avonds, als we een borreltje namen, kwamen de verhalen los en bleken het gewoon eindeloze kerels te zijn, die al vanaf het begin (1960) op de Noordzee zaten voor het station. Zij zijn niet zo vaak in de belangstelling als o­ns maar hebben wel alle rottigheid aan boord van het zendschip meegemaakt. Dingen, waar wij vaak helemaal niets van weten omdat ze het gewoon voor zichzelf houden.’ Dat er voor elkaar gezorgd werd aan boord bleek iedere maandag weer, voorafgaand aan de dinsdag, de aflos dag van het personeel. Vaste prik was het dat op de maandag aan boord van de Norderney alles overhoop werd gehaald en grondig geboend, zodat de nieuwe ploeg in een schoon nest terecht kwam. De grappen en grollen, die we kennen uit de vele verhalen van deejays van de diverse stations zijn overbekend, maar Tom heeft wel een heel speciale als herinnering. Op een dag was hij van plan te gaan slapen en ging dus naar zijn hut toe. Het bleek dat deze geheel leeg was gemaakt. Kussen, dekens en matras waren nergens te vinden. Het enige dat er lag was een brandbijl in zijn kooi. En dus werd het zoeken door het gehele schip alvorens echt naar bed gegaan kon worden. Tom vertelde dat hij, na zijn tijd als nieuwslezer op de Norderney, eerst het programma ‘Ook Goeiemorgen’ had gepresenteerd, een plek die was vrij gekomen nadat Eddie Becker in 1969 had besloten zijn werk bij de zeezender op te zeggen om het geluk achtereenvolgens te zoeken bij de publieke omroepen VARA en de NCRV. Op het moment van het betreffende interview uit 1971 presenteerde Tom Collins een programma ter vervanging van 'Sliep uit'. Tom zelf over dit programma: ‘Het is goed werk. Je krijgt veel reacties … fanmail als je het zo wilt noemen. Ik lees altijd alles, maar ik ben wel eens nonchalant in het beantwoorden van verzoekjes. Dat komt door het enthousiasme. Je bent lekker bezig met het programma; de technicus ziet het ook lekker zitten en het komt er allemaal fijn op (op de band) en dan vergeet je wel eens dat ‘die en die’ dat plaatje willen horen.’ Tom Collins had zo zijn voorkeuren van te draaien muziek. Het liefste ging hij het werk, dat genoteerd stond in de Veronica Top 40 uit de weg, daar dit in vele andere programma’s op het station veelvuldig voorbij kwam. Wel stonden zijn oren open voor nieuw werk en datgene wat over kwam uit Amerika. Ook het betere Nederlandstalige werk, zoals Liesbeth List, viel voor hem te pruimen om in zijn programma op te nemen. Toch viel er wel eens van af te wijken. Tom: ‘Ach de Zangeres Zonder Naam, dat draai ik wel. Ik vind het aardig en ik weet dat ze erin gelooft en soms ook wel Corrie en de Rekels, maar het heeft niet mijn voorkeur.’ Als er echter een plaat was, die hij minder goed vond, dan durfde hij deze wel te draaien maar zei het ook gewoon in het programma. Rustig en warm, zo kwam hij bij velen over. Bij lange na niet de over enthousiaste deejay, zoals sommige van zijn collega’s konden zijn. Ook daar had hij, denk ik, zo zijn reden voor: ‘Een deejay is geen platen aan elkaar kletsende robot. De mensen weten donders goed wat wel en niet lekker is. Wat schiet ik er mee op als ik tegen beter weten in voor de microfoon sta te krijsen… dit is een geweldig plaatje en ik meen er o­ndertussen geen donder van.’ Met andere woorden had Tom duidelijk geen zin om de luisteraars te bedonderen en kreeg hij, zoals algemeen bekend, bij Radio Veronica, de kans om zijn eigen mening op een rustige manier uit te dragen. Erg opmerkelijk is de verklaring van Collins in dit interview uit 1971 dat hij nog een ‘blauwe maandag’ bij Radio Luxemburg heeft gewerkt. Daar moest hij alle teksten, voorheen geschreven en gecontroleerd, vanaf papier voorlezen. Het was hem te vervelend, waarna hij maar snel besloot om zijn geluk bij Radio Veronica te zoeken. Wat voor een opleiding had Tom eigenlijk gedaan om bij het toen populairste station van Nederland in dienst te treden? Wat denk je van een horecadiploma en een kappersdiploma gericht op de dames? Het is niet bekend of hij beide diploma’s dan ook heeft uitgeprobeerd bij zijn vrouwelijke collega’s aan de Utrechtseweg in Hilversum, waar destijds de studiogebouw van Veronica was gevestigd. Het zou natuurlijk kunnen dat hij bij Tante Erna, de koffie en snack mevrouw, zijn diensten heeft aangeboden. Tom werkte in het programma ‘Sliep uit’ voornamelijk samen met Juul Geleick waarmee hij, volgens eigen zeggen, een zeer goede band had en er tijdens het programma altijd een goede wisselwerking was. Heel belangrijk om tot een goed totaal programma te komen. Tom Collins werd ook om zijn favorieten gevraagd als het ging om de presentatoren die Nederland rijk was in die tijd. Ook op die vraag ging hij niet zijn eigen mening in de weg staan: ‘Duys moet ik niet zo, Pim Jacobs ook niet. Ik vind die mensen niet echt. Mies Bouwman wel, dat is een tof wijf. Het kan me niet schelen of ze een paar duizend piek voor een televisie-uitzending krijgt. Ze doet haar werk goed en ze is het waard.’. En op de vraag of hij voor speciale programma’s op de Nederlandse publieke radio thuis zou blijven was het antwoord ‘géén één’, terwijl er op het gebied van televisieprogramma’s slechts één overbleef en wel ‘Hadimassa’ van de VPRO. Lex Harding kwam terloops ook nog even aan het woord in het eerste interview en meldde over zijn collega: ‘Het is een aardige jongen, die Tom, maar hij moet af en toe wel wat zeggen. Soms heeft hij de gewoonte op de vergaderingen drie weken lang zijn kop dicht te houden. En soms ziet hij ook drie weken lang te zwetsen over waarom ‘dit en dat’ hem niet zint.’ In het algemeen was Collins in die dagen nog lang niet tevreden over zijn vak als deejay. Hij vond dat deejays kritischer aan het werk moesten gaan en scherper in woord moesten worden, daar dit de eerlijkheid zou bevorderen. Het moest echter niet te ver worden doorgevoerd anders zou het ‘een maniertje’ worden. Gek genoeg voegde hij er meteen aan toe ‘Je moet natuurlijk wel beleefd worden, dat doe ik ook altijd!’. En met die opmerking sloeg hij de spijker precies op zijn kop. Hans Knot, 4 maart 2020
  7. Pierre-Alain Dahan – Auto Moto Rallye. Dit nummer is afkomstig van de in 1972 verschenen lp ‘Continental Pop Sound’, een plaat vol met synthesizer muziek gecomponeerd en gespeeld door Pierre-Alain Dahan. Hij overleed in 2013 op 70-jarige leeftijd en was componist en veelzijdig muzikant. Het nummer ‘Auto Moto Ralley’ werd tweevoudig ingezet op Radio Veronica in de nacht van 22 september 1972. Allereerst als openingstune van het programma en ook telkens als filler op weg naar het nieuws in een speciaal nachtprogramma ter gelegenheid van de ‘derde nachtautorally’, georganiseerd door de Veronica Rally Sport Stichting en Radio Veronica. Het zes uur durende programma werd gepresenteerd door Tom Collins. Pierre-Alain Dahan - Auto Moto Rallye. This song comes from the 1972 album 'Continental Pop Sound', a record full of synthesizer music composed and played by Pierre-Alain Dahan. He died in 2013 at the age of 70 and was a composer and versatile musician. The song 'Auto Moto Ralley' was used twice on Radio Veronica on the night of September 22nd 1972. First as the opening tune of the programme and also each time as a filler on the way to the news in a special night programme on the occasion of the 'third night car rally', organised by the Veronica Rally Sport Foundation and Radio Veronica. The six-hour programme was presented by Tom Collins. https://filesender.surf.nl/?s=download&token=7a65fc5c-72b1-41c8-86c4-7ce1558720ab https://www.nslibrary.nichion.co.jp/albums/18258-TM3021
  8. Buddy Rich – Straight, no chaser. Een nummer dat uitkwam in 1972 op de lp ‘Time Being’ van Buddy Rich. Een wereldberoemde drummer en orkestleider die in 1987 op 69-jarige leeftijd kwam te overlijden en een rijk scala aan lp’s achterliet. Het nummer ‘Straight, no chaser’ werd op RNI in 1972 gebruikt voor de productie van een promo voor de RNI Prediction Hit 40 show, die iedere zaterdagavond tussen zes en negen uur Engelse tijd werd uitgezonden. Buddy Rich - Straight, no chaser. A song that was released in 1972 on the album 'Time Being' by Buddy Rich. A world famous drummer and orchestra leader who died in 1987 at the age of 69, leaving behind a rich range of LPs. The song 'Straight, no chaser' was used on RNI in 1972 for the production of a promo for the RNI Prediction Hit 40 show, which was broadcast every Saturday night between six and nine o'clock English time. https://filesender.surf.nl/?s=download&token=e41adfb2-1722-43ec-9738-ee89f8882b42
  9. Pepper Tanner – It’s what’s happening 01. Dit jinglepakket werd in de periode 1968 tot 1970 onder meer gebruikt door BBC Radio One. Het is niet bekend op welke wijze de demo of onderdelen van het pakket aan boord van de MEBO II zijn gekomen maar ‘It’s what’s happening 01’ is een filler die door Crispian St. John in 1971 in de Super Hit 50 werd gebruikt als hij telkens een overzicht gaf van de laatste tien gedraaide platen. Pepper Tanner - It's what happening 01. This jingle pack was used by BBC Radio One in the period 1968 to 1970. It's not known how the demo or parts of the package got on board of the MEBO II but 'It's what happening 01' is a filler that was used by Crispian St. John in 1971 in the Super Hit 50 when he gave an overview of the last ten played records. https://filesender.surf.nl/?s=download&token=9e36399b-a17b-4342-828c-94701d6063c4
  10. dat is hier anders. Ik kan bijvoorbeeld bij Pigalle al om 8 uur aan de koffie. Maar ook bij andere zaken
  11. toen de kerk uitging rond 12 werd het terras klaar gezet. Dus in de ochtend hebben we van ons fles water genoten. Ik heb je dat wel gemeld dat we in de buurt waren geweest. We plannen nooit routes binnen een vakantie en gaan een willekeurige richting op zodat we op die zondag daar terecht kwamen.
  12. In de afgelopen decennia ben ik ze bewust dan wel onbewust tegengekomen en dan doel ik op de instant gehouden huisjes en winkeltjes die de 60 plusser onder ons een heerlijk gevoel geven van nostalgie. Of het komt omdat ikzelf afkomstig ben uit een gezin waar het ging om kleine middenstand, maar ook de immer voortgang in nostalgische gevoelens naar boven te halen kan dit goede gevoel geven. Mijn ouders waren kappers en ondanks dat de kapperszaak meer dan vijftig jaar geleden, wegens gezondheidsredenen, werd gesloten, komen de herinneringen uit die tijd met regelmaat boven. Dat komt misschien ook wel dat ik met regelmaat nog per fiets het oude pand voorbij ga. Een kapsalon in het straatkantdeel van een woonhuis op een stoep waarbij ieder pand wel een middenstandsbestemming had. Een slager, bakker, drogist, kapper, horlogemaker, pennenwinkel en kruidenier. Niets is er vijf decennia later meer van over. Maar toch zie ik in gedachten de winkels zo weer voor me met de daarbij behorende reclame-uitingen. Mijn vrouw Jana begeleidde mij al weer twintig jaar geleden naar Den Bosch waar een tentoonstelling werd gehouden als herinnering aan een katholiek familiebedrijf dat actief was onder de naam ‘De Gruyter’, U weet wel van het snoepje van de week en andere voordelen. Op de tentoonstelling kwam ik in gesprek met een persoon die mij, na ruim 30 jaar, herkende als de zoon van zijn toenmalige kapper. Het was de voormalige bedrijfsleider van De Gruyter aan het Floresplein in Groningen. Vrij uitgebreid hebben we toen gesproken over de vele groenteboeren, kruidenierswinkels, kappers en meer in de wijk. Velen gericht op hun eigen geloofsgenoten in de tijd dat kerkgang nog bloeiend was. De bedrijfsleider roemde mijn ouders omdat mensen vanuit allerlei geloofsrichtingen op een gelijkwaardige manier werden behandeld, iets dat klaarblijkelijk niet overal in de buurtwinkeltjes werd gedaan. Het reizen naar Den Bosch had als bedoeling de historie te beschouwen van een familiebedrijf dat landelijk bekend was geweest maar helaas ten onder was gegaan. Over de filialen in Groningen schreef ik eerder een ander artikel: https://www.focusgroningen.nl/groningen-van-toen-deel-23/ Winkeltjes van toen kun je overal in Nederland gelukkig nog vinden en zoals al gesteld zijn wij ze, tijdens onze korte tripjes door Nederland, vaak tegengekomen. Ik wil er een paar noemen. Tijdens een wandeling met vrienden in Oud Blaricum stonden we een paar jaar geleden plotseling voor een prachtig mooi oud huisje wat een soort van tabaks- en snoepwinkel was geweest en gebleven als museumobject. Ook op Terschelling heb je - halverwege het eiland – een winkeltje dat ik altijd als gesloten heb aangetroffen maar dat gevuld is met huishoudelijke zaken uit grootmoeders tijd. In 2016 hadden we een weekend Nijkerk gepland in het prille voorjaar. Zondag met diepe stilte voor de kerkgang. Om 12 uur, dan wel midden op de dag, stroomde de kerk in Barneveld, waar we probeerden een kop koffie te drinken tijdens onze fietstocht, leeg maar ook de koffiekopjes bleven leeg. We besloten door te fietsen en gingen richting het gehucht Terschuur waar een prachtige oldtimer mij lokte. Het bleek een Mercedes te zijn die als laatste eigenaar Alfred Heineken had gehad en in handen was gekomen van ‘The Old Crafts and Toy Museum’ in Terschuur. Zoek het maar eens op via google en ga eens op bezoek want een wereld gaat er voor je open. En dan recentelijk waren we een paar dagen in Leeuwarden met als doel ‘ontspannen, van elkaar genieten, Fries Museum bezoeken en meer ontdekken. Wandelend door de binnenstad kwamen we ook voorbij ‘Museum de Grutterswinkel’. In dit pand, dat voornamelijk origineel – inclusief woongedeelte – bewaard is gebleven, tal van uitingen op het gebied van kruidenierswaren. Maar ook aandacht aan de opkomst van de zelfbedieningen. Een perfecte uitstalling van kruidenierswaren uit de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw. Verdwenen producten maar ook die al weer jaren in een ander jasje zijn gestoken. Vrijwilligers vertellen vol liefde over de tijd van toen maar stellen zich ook open voor de verhalen van de bezoekers,. Naast het winkelgedeelte is er ook ruimte voor het woongedeelte. Een trap naar beneden leidde ons naar de kelder, waarbij mijn vrouw zich meteen thuis voelde in de kelder van haar oma, decennia geleden en ikzelf in onze eigen kelder aan de Korreweg in Groningen in de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw, toen er geen koelkast was maar groenten en fruit werden gewekt in de glazen potten. Alle hulpmiddelen in die kelder brachten mij geheel terug in de tijd. Verder is in het pand een woongedeelte op de bovenverdieping ingericht. Het is een soort van achterhuis waarbij het duidelijk wordt hoe klein een jong gezin destijds leefde met de baby in een wiegje aan het voeteneinde van de ouders in de bedstee. En ook het ‘huske’ is in de oude toestand in het pand gehandhaafd gebleven. Als je in de buurt bent in de omgeving van Leeuwarden de moeite waard van een bezoekje Aan de Nieuwesteeg: https://grutterswinkel-leeuwarden.nl/ Trouwens 100 meter links om de hoek is de Sonnema historische winkel, je weet wel van de echte Berenburg. Een leuke wandeling naar de Oostersingel is aan te raden om ook nog ’t Andere Museum’ te bezoeken waar tal van items worden belicht. Het is gevestigd in een 19de - -eeuws pakhuis en een woonhuis, dat ooit werd gebouwd naar idee en in opdracht van de koopman Hajonides van der Meulen. Vele jaren later kwam het in particuliere handen waarbij tal van verzamelingen, deels samengebracht in een stichting, worden tentoongesteld. Naast vele oldtimers, dinky toys, een mini trein circuit, herinneringen aan de Vrij Metselaars, kantklossen en is er ook een prachtige verzameling oude radio’s te zien. Leeuwarden doen ook dit andere museum bezoeken. https://museumpakhuiskoophandel.nl/het-andere-museum/ Hans Knot, 28 maart 2020
  13. Berdien Stenberg – Fire Dance / Extasy. Berdien Stenberg, de absolute koningin van de dwarsfluit verkocht wereldwijd miljoenen platen. Deze medley werd in 1986 gebruikt voor het item ‘Boordmijmeringen’ dat om half 1 in het zondagmiddagprogramma voorbij kwam op Radio Monique. In dit item vertelden de live deejays over ‘onzin, waarheden en keiharde leugens’. Berdien Stenberg - Fire Dance / Extasy. Berdien Stenberg, the absolute queen of the flute sold millions of records worldwide. This medley was used in 1986 for the item 'Boordmijmeringen' that passed by at half past 1 in the Sunday afternoon show on Radio Monique. In this item the live deejays told about 'nonsense, truths and hard lies'. https://filesender.surf.nl/?s=download&token=86f064cd-0398-45e9-afd6-8c7d0f441a8d
  14. Categorie 7: demomuziekjes gebruikt voor fillers, jingles en meer Er zijn in de afgelopen 60 jaren diverse productiemaatschappijen geweest die zich specialiseerden in het maken van jingle pakketten voor radiostations. Om een afzetgebied te creëren werd van een nieuw pakket een demonstratieband gemaakt die kon worden opgevraagd bij de maatschappij. Als men meerdere demobanden aanvroeg kreeg men bij de radiostations een idee waar men zelf voor wilde gaan bij de aankleding van de programma’s. Honderden demo banden werden er op dit manier geproduceerd, die deels ook bij de zeezenders terecht kwamen of werden meegenomen door deejays die voor een zeezender werkten. Af en toe kwamen delen van die pakketten in enige vorm voorbij in de programma’s. In deze categorie 7 worden er voorbeelden van belicht. Pepper Tanner – The Now Sound. De demoband van dit pakket was in 1972 aan boord van de MEBO II en vermoed wordt dat het Terry Davis was die het mee had genomen om te gebruiken in zijn programma’s op RNI. De tracks hebben geen specifieke naam maar wel elk een warm en vrolijk geluid. Zo gebruikte hij het thema, dat we nummer 01 hebben genoemd, als filler in het programma Target Ten. Voor meer informatie over Pepper Tanner verwijzen we je naar: https://www.jingleweb.nl/index.php/category/pepper-tanner/ https://filesender.surf.nl/?s=download&token=7d3b73dc-d597-4163-a4c2-baf0714dce07 Category 7: demo music used for fillers, jingles and more Over the past 60 years there have been several production companies specialising in making jingle packages for radio stations. In order to create an outlet, a new package was turned into a demonstration tape that could be requested from the company. If several demos were requested, the radio stations would get an idea of what they wanted to go for themselves when decorating the programs. Hundreds of demos were produced in this way, some of which ended up at the offshore radio stations or were taken to the station by deejays who worked for there. Occasionally, parts of those packages appeared in some form in the programmes. In this category 7 examples are highlighted. Pepper Tanner - The Now Sound. The demo tape of this package was aboard the MEBO II in 1972 and it is suspected that it was Terry Davis who took it with him to use in his programs on RNI. The tracks don't have a specific name but each one has a warm and cheerful sound. So he used the theme, which we called number 01, as a filler in the program Target Ten. https://filesender.surf.nl/?s=download&token=7d3b73dc-d597-4163-a4c2-baf0714dce07 For more information about Pepper Tanner we refer you to: https://www.jingleweb.nl/index.php/category/pepper-tanner/
  15. Larry Page Orchestra, the – The loneliest time. Onder Peter Hamilton staat een verklaring van de opening, voorafgaand aan de tune van het programma van de drie technici van Radio Noordzee uit de landstudio: Pieter Damave, John de Mol jr. en Leo Visser. Maar ook de tune, die door hen in de laatste nacht van Radio Noordzee, 31 augustus 1974 werd gebruikt, kan worden vermeld. Het is het prachtige nummer ‘the loneliest time’ in de uitvoering van The Larry Page Orchestra. Het verscheen op de lp ‘This is Larry Page’, alsook op de lp ‘Bridge over troubled water’ van het gelijknamige orkest. Larry Page Orchestra, the - The loneliest time. Under Peter Hamilton is a statement of the opening, preceding the tune of the programme of the three technicians of Radio Noordzee from the country studio: Pieter Damave, John de Mol jr. and Leo Visser. But also the tune, which was used by them in the last night of Radio Noordzee, 31 August 1974, can be mentioned. It is the beautiful song 'the loneliest time' in the performance of The Larry Page Orchestra. It appeared on the album 'This is Larry Page', as well as on the album 'Bridge over troubled water' by the orchestra of the same name. https://filesender.surf.nl/?s=download&token=f023c5a7-21f4-4936-94fc-aa3c19380227 geen you tube voorbeeld
×
×
  • Create New...

Important Information

By using this site, you agree to our Terms of Use, Privacy Policy and We have placed cookies on your device to help make this website better. You can adjust your cookie settings, otherwise we'll assume you're okay to continue.