Jump to content

hans knot

Members
  • Content Count

    1,558
  • Joined

  • Last visited

Everything posted by hans knot

  1. dank en het antwoord is: Ik heb deze versie nooit eerder gehoord
  2. Ik zie nu wat je bedoelt inderdaad 'verschrijving' wordt anders
  3. Helaas Juul met dank voor de opmerking maar het is Ton Droog zo staat het ook in zijn e mail adres In het interview waaruit ik citeerde heeft Tom Collins hetzelf gehad over het programma Sliep uit. Het kan dus medio 1971 gewijzigd zijn in de andere naamgeving.
  4. Vandaag deel 3 aan herinneringen in het jaar 1971, een column langer dan normaal en die in het teken staat van Tom Collins. Op de radio had iedereen in 1971 zo zijn eigen favoriete station, waarbij Radio Luxembourg het in de avond won bij velen en verder Radio Noordzee en Veronica overdag nog steeds meer luisteraars haalden als het door de regering in de strijd geworpen Hilversum 3. Vele nieuwe deejays waren er bij gekomen dat jaar met de start van de Nederlandstalige afdeling van Radio Noordzee. Anderen zouden zich blijven hechten aan hun favoriete deejays op Radio Veronica. De lange aan een kant stille en aan de andere kant drukke deejay Tom Collins, was bij velen geliefd en anno 2020 hebben we het met andere radiovrienden nog vaak over zijn goede programma’s. Iedere doordeweekse morgen was hij te beluisteren op de 192 meter. Tom, die officieel Ton Droog heet, leeft de laatste jaren een teruggetrokken leven en wilde in 1999, op de grote Veronica reünie, slechts betrokken zijn bij de productie van enkele promotiespots mits daar verder niemand anders bij was dan technicus Ad Bouman. Op de vele feestelijke avonden verscheen hij echter niet. In de loop der jaren was hij ook moeilijk te interviewen. Ik heb diverse malen gepoogd hem te strikken maar, o­ndanks dat hij zich altijd weer vriendelijk opstelde, was het antwoord iedere keer weer ‘nee, geen behoefte’. In mijn behoorlijk groot archief over de afgelopen 60 jaar aan muziek en radiohistorie, zijn duizenden interviews terug te vinden met o­ngelofelijk veel mensen. Het blijkt dat ik niet alleen was met de mislukte pogingen. Slechts twee interviews met Collins zijn terug te vinden, waarvan enkele hoogtepunten. Beiden zijn meer ‘een gesprek tussen collega’s van Veronica’, waarbij – o­ndanks dat hij eigenlijk helemaal niet over zichzelf wenste te praten – Tom het één en ander over zichzelf vertelde. ‘Ja voor Veronica heb ik ook als deejay gewerkt bij Radio 227. Veronica is té gek’. Tja reclame voor eigen huis kan niet beter. De gesprekken werden met Tom gevoerd door Lex Harding en Will Luikinga, soms bijgestaan door commentaar van Juul Geleick’. Tezamen met onder meer Lex Harding en Jos van Vliet had Collins bij Radio 227 gewerkt op de MV Laissez Faire. Een station gericht op Nederland, dat verankerd lag voor de Britse kust. Reden was de aanwezigheid van een zusterstation, Radio 355, dat commercieel het gewin uit Engeland diende te halen. Toen de Britse overheid inzag dat er een wet tegen de zeezenders diende te komen, besloten de Amerikaanse eigenaren van Radio 227 de knop om te draaien. De huur op het zendschip, dat ze gebruikten, was op 6 augustus verlopen en men had geen zin om het nog eens te verlengen en dus werden de uitzendingen beëindigd, ver voor de andere op Engeland gerichte zeezenders hun activiteiten staakten . Zowel Van Vliet als Harding vonden vrijwel direct een baan bij Radio Veronica. Op een dag besloot Jos van Vliet de Veronica organisatie te verlaten en meldde dat hij wel een vervanger voor hem wist in de persoon van Tom Collins. Lex kreeg de opdracht Tom te bellen maar bereikte hem niet. Twee maanden later kwam er weer een probleem met een van de personeelsleden, waaruit de aanstelling van Collins alsnog volgde. Het probleem bestond uit de zeeziekte die één van de nieuwslezers constant overkwam en dus diende er voor vervanging te worden gezorgd. Het bleek om Hans Mondt te gaan, die een aanstelling als presentator aan land zou krijgen. Collins had zoal de nodige ervaring op het andere zendschip, gelegen voor de Britse oostkust. Daar had je eigenlijk alleen problemen als er stevige oostenwind was, maar ook dat had hem niet van slag gebracht. En voor de kust van Nederland, zo bleek later, was het ook geen probleem: ‘Ik dacht dat ik wel tegen de storm kon en het baantje leek me ook best aardig. Inderdaad kon ik goed tegen de storm, want zelfs bij windkracht twaalf had ik geen centje pijn’. Er waren meer van de bemanningsleden die tegen het slechte weer konden. Zo is het verhaal van zendertechnicus José van Groningen legendarisch dat hij, bij windkracht 11, rustig aan dek ging staan – zijn collega’s o­ndertussen aanschouwend hoe zij hun maaginhoud leegden – om o­ndertussen een kop met heerlijke vette soep te nuttigen. Over zijn tijd op zee herinnerde Collins zich dat hij eigenlijk een vreemde eend in de bijt was. Zo ruimde hij steeds de boel, door hem en anderen gemaakt op, hetgeen men aan boord van de Norderney nogal vreemd vond. Hij kreeg er de nodige opmerkingen over maar is er nooit ‘onder de mand vandaan gezongen’. Een speciaal ritueel die men aan boord als een soort van inwijdingsplechtigheid soms diende te o­ndergaan. Collins: ‘Ze hadden dan een heel verhaal over een matroos die zo vals zong, dat je binnen een minuut o­nder de mand vandaan moest kruipen, waar je daarvoor eerst eronder moest kruipen aan dek. Praktisch iedereen die nieuw aan boord van de Norderney was, moest dit o­ndergaan. Zodra de betreffende persoon o­nder de mand zat stond de gehele bemanning erom heen en ging een paar putsen met water over de mand en haar inhoud. Kleddernat kwam de persoon eronder vandaan en dan heette het dat hij er o­nder vandaan was gezongen.’ Was de studio aan boord van de Norderney in de jaren zeventig van de vorige eeuw goed geoutilleerd zo was het in de jaren zestig behelpen geblazen volgens Collins: ‘Er waren wel een paar van die recorders, maar die hadden ze op een paar houten kastjes gezet en die stonden midden in het vertrek. Er stond een losse meter met koperdraad vastgebonden. Echt behelpen. Alles was geschilderd in een sombere grijze kleur en het geheel was eigenlijk een beetje sfeerloos. We hebben er later wel voor gezorgd dat het allemaal een beetje gezelliger werd. Wekenlang hebben we staan te schilderen en is het eigenlijk wel een gezellig hok geworden.’ Collins gaf grof toe dat bij het harde werken zichzelf van de positieve kant was tegengekomen. Als een man met twee linker handen, zo stelde hij, had hij leren aanpakken, waarbij hij het voor zichzelf niet voor mogelijk had gehouden wat hij zoal bij elkaar had geknutseld. Zelfs het bouwen van een complete versterker hoorde, volgens hem, tot zijn werkzaamheden……….en ‘hij deed het ook nog’. Hij liet nog het één en ander los over de studio aan boord van de Norderney: ‘In die tijd waren er geen pick-ups. Alles ging op de recorders en als je een programma life moest maken, wat wel eens voorkwam, zat je daar voor het blok. Uit oude programmabanden zat je platen te knippen die niet waren ingesproken, zodat ze konden worden hergebruikt. Ook werd een instrumentaaltje op die manier opgezocht, voor gebruik als tune. Al die dingen werden op aparte bandjes gezet en op volgorde gelegd. De technicus wist dan precies de volgorde van het opleggen en afspelen van de bandjes op de twee aanwezige AKAI recorders.’ En er dient natuurlijk wel aan toegevoegd te worden dat noodprogramma’s vaak voorkwamen bij slecht weer, als er dus geen nieuwe programmabanden door de tender, Ger Anne, aan boord gebracht konden worden. Collins over die omstandigheden: ‘Je maakte je programma o­nder in de slingerende studio, waar iedereen zich constant moest vasthouden en bandjes moest opleggen. Het is altijd gelukt, maar vraag niet hoe. Als zo’n programma van een uur klaar was, had je gelijk voor de gehele dag genoeg. Gelukkig waren er een paar technici die, als Radio Veronica ’s nachts na één uur uit de lucht was, af en toe platen uit de banden knipten, omdat ze geen zin hadden om naar bed te gaan. Anders was het helemaal een puinhoop geworden.’ Later kregen men complete banden aangeleverd vanuit de studio in Hilversum met daarop de nieuwste platen. Deze werden vooral gebruikt voor in het zondagmiddag programma ‘Sport uit Zee’, dat tussen half vijf en vijf uur eruit ging op de 192 meter. Collins: ‘Tegenwoordig (1971) hebben ze twee pick-ups staan, recorders en cartridges machines. En als er iets aan de hand is met de banden kun je een uitstekend programma maken aan boord. Er is een prachtig mengpaneel en zelfs een heerlijk compleet bankstel. En bovendien is er beneden ook een ijskast en televisie, die er eerder ook niet waren.’ Over zijn tijd aan boord vertelde Tom dat voornamelijk er perioden waren van een week aan boord en een week verlof aan land. De langste periode aan boord was elf dagen lang. En met hard werken was een dergelijke periode zo weer om. In totaal heeft Tom over een periode van elf maanden aan boord gewerkt en eigenlijk elke dag plezier en pret gehad: ‘Ze zeggen dat de Scheveningers o­ntzettend stugge mensen zijn, maar ’s avonds, als we een borreltje namen, kwamen de verhalen los en bleken het gewoon eindeloze kerels te zijn, die al vanaf het begin (1960) op de Noordzee zaten voor het station. Zij zijn niet zo vaak in de belangstelling als o­ns maar hebben wel alle rottigheid aan boord van het zendschip meegemaakt. Dingen, waar wij vaak helemaal niets van weten omdat ze het gewoon voor zichzelf houden.’ Dat er voor elkaar gezorgd werd aan boord bleek iedere maandag weer, voorafgaand aan de dinsdag, de aflos dag van het personeel. Vaste prik was het dat op de maandag aan boord van de Norderney alles overhoop werd gehaald en grondig geboend, zodat de nieuwe ploeg in een schoon nest terecht kwam. De grappen en grollen, die we kennen uit de vele verhalen van deejays van de diverse stations zijn overbekend, maar Tom heeft wel een heel speciale als herinnering. Op een dag was hij van plan te gaan slapen en ging dus naar zijn hut toe. Het bleek dat deze geheel leeg was gemaakt. Kussen, dekens en matras waren nergens te vinden. Het enige dat er lag was een brandbijl in zijn kooi. En dus werd het zoeken door het gehele schip alvorens echt naar bed gegaan kon worden. Tom vertelde dat hij, na zijn tijd als nieuwslezer op de Norderney, eerst het programma ‘Ook Goeiemorgen’ had gepresenteerd, een plek die was vrij gekomen nadat Eddie Becker in 1969 had besloten zijn werk bij de zeezender op te zeggen om het geluk achtereenvolgens te zoeken bij de publieke omroepen VARA en de NCRV. Op het moment van het betreffende interview uit 1971 presenteerde Tom Collins het programma ‘Sliep uit’. Tom zelf over dit programma: ‘Het is goed werk. Je krijgt veel reacties … fanmail als je het zo wilt noemen. Ik lees altijd alles, maar ik ben wel eens nonchalant in het beantwoorden van verzoekjes. Dat komt door het enthousiasme. Je bent lekker bezig met het programma; de technicus ziet het ook lekker zitten en het komt er allemaal fijn op (op de band) en dan vergeet je wel eens dat ‘die en die’ dat plaatje willen horen.’ Tom Collins had zo zijn voorkeuren van te draaien muziek. Het liefste ging hij het werk, dat genoteerd stond in de Veronica Top 40 uit de weg, daar dit in vele andere programma’s op het station veelvuldig voorbij kwam. Wel stonden zijn oren open voor nieuw werk en datgene wat over kwam uit Amerika. Ook het betere Nederlandstalige werk, zoals Liesbeth List, viel voor hem te pruimen om in ‘Sliep uit’ op te nemen. Toch viel er wel eens van af te wijken. Tom: ‘Ach de Zangeres Zonder Naam, dat draai ik wel. Ik vind het aardig en ik weet dat ze erin gelooft en soms ook wel Corrie en de Rekels, maar het heeft niet mijn voorkeur.’ Als er echter een plaat was, die hij minder goed vond, dan durfde hij deze wel te draaien maar zei het ook gewoon in het programma. Rustig en warm, zo kwam hij bij velen over. Bij lange na niet de over enthousiaste deejay, zoals sommige van zijn collega’s konden zijn. Ook daar had hij, denk ik, zo zijn reden voor: ‘Een deejay is geen platen aan elkaar kletsende robot. De mensen weten donders goed wat wel en niet lekker is. Wat schiet ik er mee op als ik tegen beter weten in voor de microfoon sta te krijsen… dit is een geweldig plaatje en ik meen er o­ndertussen geen donder van.’ Met andere woorden had Tom duidelijk geen zin om de luisteraars te bedonderen en kreeg hij, zoals algemeen bekend, bij Radio Veronica, de kans om zijn eigen mening op een rustige manier uit te dragen. Erg opmerkelijk is de verklaring van Collins in dit interview uit 1971 dat hij nog een ‘blauwe maandag’ bij Radio Luxemburg heeft gewerkt. Daar moest hij alle teksten, voorheen geschreven en gecontroleerd, vanaf papier voorlezen. Het was hem te vervelend, waarna hij maar snel besloot om zijn geluk bij Radio Veronica te zoeken. Wat voor een opleiding had Tom eigenlijk gedaan om bij het toen populairste station van Nederland in dienst te treden? Wat denk je van een horecadiploma en een kappersdiploma gericht op de dames? Het is niet bekend of hij beide diploma’s dan ook heeft uitgeprobeerd bij zijn vrouwelijke collega’s aan de Utrechtseweg in Hilversum, waar destijds de studiogebouw van Veronica was gevestigd. Het zou natuurlijk kunnen dat hij bij Tante Erna, de koffie en snack mevrouw, zijn diensten heeft aangeboden. Tom werkte in het programma ‘Sliep uit’ voornamelijk samen met Juul Geleick waarmee hij, volgens eigen zeggen, een zeer goede band had en er tijdens het programma altijd een goede wisselwerking was. Heel belangrijk om tot een goed totaal programma te komen. Tom Collins werd ook om zijn favorieten gevraagd als het ging om de presentatoren die Nederland rijk was in die tijd. Ook op die vraag ging hij niet zijn eigen mening in de weg staan: ‘Duys moet ik niet zo, Pim Jacobs ook niet. Ik vind die mensen niet echt. Mies Bouwman wel, dat is een tof wijf. Het kan me niet schelen of ze een paar duizend piek voor een televisie-uitzending krijgt. Ze doet haar werk goed en ze is het waard.’. En op de vraag of hij voor speciale programma’s op de Nederlandse publieke radio thuis zou blijven was het antwoord ‘géén één’, terwijl er op het gebied van televisieprogramma’s slechts één overbleef en wel ‘Hadimassa’ van de VPRO. Lex Harding kwam terloops ook nog even aan het woord in het eerste interview en meldde over zijn collega: ‘Het is een aardige jongen, die Tom, maar hij moet af en toe wel wat zeggen. Soms heeft hij de gewoonte op de vergaderingen drie weken lang zijn kop dicht te houden. En soms ziet hij ook drie weken lang te zwetsen over waarom ‘dit en dat’ hem niet zint.’ In het algemeen was Collins in die dagen nog lang niet tevreden over zijn vak als deejay. Hij vond dat deejays kritischer aan het werk moesten gaan en scherper in woord moesten worden, daar dit de eerlijkheid zou bevorderen. Het moest echter niet te ver worden doorgevoerd anders zou het ‘een maniertje’ worden. Gek genoeg voegde hij er meteen aan toe ‘Je moet natuurlijk wel beleefd worden, dat doe ik ook altijd!’. En met die opmerking sloeg hij de spijker precies op zijn kop. Hans Knot, 4 maart 2020
  5. Pierre-Alain Dahan – Auto Moto Rallye. Dit nummer is afkomstig van de in 1972 verschenen lp ‘Continental Pop Sound’, een plaat vol met synthesizer muziek gecomponeerd en gespeeld door Pierre-Alain Dahan. Hij overleed in 2013 op 70-jarige leeftijd en was componist en veelzijdig muzikant. Het nummer ‘Auto Moto Ralley’ werd tweevoudig ingezet op Radio Veronica in de nacht van 22 september 1972. Allereerst als openingstune van het programma en ook telkens als filler op weg naar het nieuws in een speciaal nachtprogramma ter gelegenheid van de ‘derde nachtautorally’, georganiseerd door de Veronica Rally Sport Stichting en Radio Veronica. Het zes uur durende programma werd gepresenteerd door Tom Collins. Pierre-Alain Dahan - Auto Moto Rallye. This song comes from the 1972 album 'Continental Pop Sound', a record full of synthesizer music composed and played by Pierre-Alain Dahan. He died in 2013 at the age of 70 and was a composer and versatile musician. The song 'Auto Moto Ralley' was used twice on Radio Veronica on the night of September 22nd 1972. First as the opening tune of the programme and also each time as a filler on the way to the news in a special night programme on the occasion of the 'third night car rally', organised by the Veronica Rally Sport Foundation and Radio Veronica. The six-hour programme was presented by Tom Collins. https://filesender.surf.nl/?s=download&token=7a65fc5c-72b1-41c8-86c4-7ce1558720ab https://www.nslibrary.nichion.co.jp/albums/18258-TM3021
  6. Buddy Rich – Straight, no chaser. Een nummer dat uitkwam in 1972 op de lp ‘Time Being’ van Buddy Rich. Een wereldberoemde drummer en orkestleider die in 1987 op 69-jarige leeftijd kwam te overlijden en een rijk scala aan lp’s achterliet. Het nummer ‘Straight, no chaser’ werd op RNI in 1972 gebruikt voor de productie van een promo voor de RNI Prediction Hit 40 show, die iedere zaterdagavond tussen zes en negen uur Engelse tijd werd uitgezonden. Buddy Rich - Straight, no chaser. A song that was released in 1972 on the album 'Time Being' by Buddy Rich. A world famous drummer and orchestra leader who died in 1987 at the age of 69, leaving behind a rich range of LPs. The song 'Straight, no chaser' was used on RNI in 1972 for the production of a promo for the RNI Prediction Hit 40 show, which was broadcast every Saturday night between six and nine o'clock English time. https://filesender.surf.nl/?s=download&token=e41adfb2-1722-43ec-9738-ee89f8882b42
  7. Pepper Tanner – It’s what’s happening 01. Dit jinglepakket werd in de periode 1968 tot 1970 onder meer gebruikt door BBC Radio One. Het is niet bekend op welke wijze de demo of onderdelen van het pakket aan boord van de MEBO II zijn gekomen maar ‘It’s what’s happening 01’ is een filler die door Crispian St. John in 1971 in de Super Hit 50 werd gebruikt als hij telkens een overzicht gaf van de laatste tien gedraaide platen. Pepper Tanner - It's what happening 01. This jingle pack was used by BBC Radio One in the period 1968 to 1970. It's not known how the demo or parts of the package got on board of the MEBO II but 'It's what happening 01' is a filler that was used by Crispian St. John in 1971 in the Super Hit 50 when he gave an overview of the last ten played records. https://filesender.surf.nl/?s=download&token=9e36399b-a17b-4342-828c-94701d6063c4
  8. dat is hier anders. Ik kan bijvoorbeeld bij Pigalle al om 8 uur aan de koffie. Maar ook bij andere zaken
  9. toen de kerk uitging rond 12 werd het terras klaar gezet. Dus in de ochtend hebben we van ons fles water genoten. Ik heb je dat wel gemeld dat we in de buurt waren geweest. We plannen nooit routes binnen een vakantie en gaan een willekeurige richting op zodat we op die zondag daar terecht kwamen.
  10. In de afgelopen decennia ben ik ze bewust dan wel onbewust tegengekomen en dan doel ik op de instant gehouden huisjes en winkeltjes die de 60 plusser onder ons een heerlijk gevoel geven van nostalgie. Of het komt omdat ikzelf afkomstig ben uit een gezin waar het ging om kleine middenstand, maar ook de immer voortgang in nostalgische gevoelens naar boven te halen kan dit goede gevoel geven. Mijn ouders waren kappers en ondanks dat de kapperszaak meer dan vijftig jaar geleden, wegens gezondheidsredenen, werd gesloten, komen de herinneringen uit die tijd met regelmaat boven. Dat komt misschien ook wel dat ik met regelmaat nog per fiets het oude pand voorbij ga. Een kapsalon in het straatkantdeel van een woonhuis op een stoep waarbij ieder pand wel een middenstandsbestemming had. Een slager, bakker, drogist, kapper, horlogemaker, pennenwinkel en kruidenier. Niets is er vijf decennia later meer van over. Maar toch zie ik in gedachten de winkels zo weer voor me met de daarbij behorende reclame-uitingen. Mijn vrouw Jana begeleidde mij al weer twintig jaar geleden naar Den Bosch waar een tentoonstelling werd gehouden als herinnering aan een katholiek familiebedrijf dat actief was onder de naam ‘De Gruyter’, U weet wel van het snoepje van de week en andere voordelen. Op de tentoonstelling kwam ik in gesprek met een persoon die mij, na ruim 30 jaar, herkende als de zoon van zijn toenmalige kapper. Het was de voormalige bedrijfsleider van De Gruyter aan het Floresplein in Groningen. Vrij uitgebreid hebben we toen gesproken over de vele groenteboeren, kruidenierswinkels, kappers en meer in de wijk. Velen gericht op hun eigen geloofsgenoten in de tijd dat kerkgang nog bloeiend was. De bedrijfsleider roemde mijn ouders omdat mensen vanuit allerlei geloofsrichtingen op een gelijkwaardige manier werden behandeld, iets dat klaarblijkelijk niet overal in de buurtwinkeltjes werd gedaan. Het reizen naar Den Bosch had als bedoeling de historie te beschouwen van een familiebedrijf dat landelijk bekend was geweest maar helaas ten onder was gegaan. Over de filialen in Groningen schreef ik eerder een ander artikel: https://www.focusgroningen.nl/groningen-van-toen-deel-23/ Winkeltjes van toen kun je overal in Nederland gelukkig nog vinden en zoals al gesteld zijn wij ze, tijdens onze korte tripjes door Nederland, vaak tegengekomen. Ik wil er een paar noemen. Tijdens een wandeling met vrienden in Oud Blaricum stonden we een paar jaar geleden plotseling voor een prachtig mooi oud huisje wat een soort van tabaks- en snoepwinkel was geweest en gebleven als museumobject. Ook op Terschelling heb je - halverwege het eiland – een winkeltje dat ik altijd als gesloten heb aangetroffen maar dat gevuld is met huishoudelijke zaken uit grootmoeders tijd. In 2016 hadden we een weekend Nijkerk gepland in het prille voorjaar. Zondag met diepe stilte voor de kerkgang. Om 12 uur, dan wel midden op de dag, stroomde de kerk in Barneveld, waar we probeerden een kop koffie te drinken tijdens onze fietstocht, leeg maar ook de koffiekopjes bleven leeg. We besloten door te fietsen en gingen richting het gehucht Terschuur waar een prachtige oldtimer mij lokte. Het bleek een Mercedes te zijn die als laatste eigenaar Alfred Heineken had gehad en in handen was gekomen van ‘The Old Crafts and Toy Museum’ in Terschuur. Zoek het maar eens op via google en ga eens op bezoek want een wereld gaat er voor je open. En dan recentelijk waren we een paar dagen in Leeuwarden met als doel ‘ontspannen, van elkaar genieten, Fries Museum bezoeken en meer ontdekken. Wandelend door de binnenstad kwamen we ook voorbij ‘Museum de Grutterswinkel’. In dit pand, dat voornamelijk origineel – inclusief woongedeelte – bewaard is gebleven, tal van uitingen op het gebied van kruidenierswaren. Maar ook aandacht aan de opkomst van de zelfbedieningen. Een perfecte uitstalling van kruidenierswaren uit de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw. Verdwenen producten maar ook die al weer jaren in een ander jasje zijn gestoken. Vrijwilligers vertellen vol liefde over de tijd van toen maar stellen zich ook open voor de verhalen van de bezoekers,. Naast het winkelgedeelte is er ook ruimte voor het woongedeelte. Een trap naar beneden leidde ons naar de kelder, waarbij mijn vrouw zich meteen thuis voelde in de kelder van haar oma, decennia geleden en ikzelf in onze eigen kelder aan de Korreweg in Groningen in de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw, toen er geen koelkast was maar groenten en fruit werden gewekt in de glazen potten. Alle hulpmiddelen in die kelder brachten mij geheel terug in de tijd. Verder is in het pand een woongedeelte op de bovenverdieping ingericht. Het is een soort van achterhuis waarbij het duidelijk wordt hoe klein een jong gezin destijds leefde met de baby in een wiegje aan het voeteneinde van de ouders in de bedstee. En ook het ‘huske’ is in de oude toestand in het pand gehandhaafd gebleven. Als je in de buurt bent in de omgeving van Leeuwarden de moeite waard van een bezoekje Aan de Nieuwesteeg: https://grutterswinkel-leeuwarden.nl/ Trouwens 100 meter links om de hoek is de Sonnema historische winkel, je weet wel van de echte Berenburg. Een leuke wandeling naar de Oostersingel is aan te raden om ook nog ’t Andere Museum’ te bezoeken waar tal van items worden belicht. Het is gevestigd in een 19de - -eeuws pakhuis en een woonhuis, dat ooit werd gebouwd naar idee en in opdracht van de koopman Hajonides van der Meulen. Vele jaren later kwam het in particuliere handen waarbij tal van verzamelingen, deels samengebracht in een stichting, worden tentoongesteld. Naast vele oldtimers, dinky toys, een mini trein circuit, herinneringen aan de Vrij Metselaars, kantklossen en is er ook een prachtige verzameling oude radio’s te zien. Leeuwarden doen ook dit andere museum bezoeken. https://museumpakhuiskoophandel.nl/het-andere-museum/ Hans Knot, 28 maart 2020
  11. Berdien Stenberg – Fire Dance / Extasy. Berdien Stenberg, de absolute koningin van de dwarsfluit verkocht wereldwijd miljoenen platen. Deze medley werd in 1986 gebruikt voor het item ‘Boordmijmeringen’ dat om half 1 in het zondagmiddagprogramma voorbij kwam op Radio Monique. In dit item vertelden de live deejays over ‘onzin, waarheden en keiharde leugens’. Berdien Stenberg - Fire Dance / Extasy. Berdien Stenberg, the absolute queen of the flute sold millions of records worldwide. This medley was used in 1986 for the item 'Boordmijmeringen' that passed by at half past 1 in the Sunday afternoon show on Radio Monique. In this item the live deejays told about 'nonsense, truths and hard lies'. https://filesender.surf.nl/?s=download&token=86f064cd-0398-45e9-afd6-8c7d0f441a8d
  12. Categorie 7: demomuziekjes gebruikt voor fillers, jingles en meer Er zijn in de afgelopen 60 jaren diverse productiemaatschappijen geweest die zich specialiseerden in het maken van jingle pakketten voor radiostations. Om een afzetgebied te creëren werd van een nieuw pakket een demonstratieband gemaakt die kon worden opgevraagd bij de maatschappij. Als men meerdere demobanden aanvroeg kreeg men bij de radiostations een idee waar men zelf voor wilde gaan bij de aankleding van de programma’s. Honderden demo banden werden er op dit manier geproduceerd, die deels ook bij de zeezenders terecht kwamen of werden meegenomen door deejays die voor een zeezender werkten. Af en toe kwamen delen van die pakketten in enige vorm voorbij in de programma’s. In deze categorie 7 worden er voorbeelden van belicht. Pepper Tanner – The Now Sound. De demoband van dit pakket was in 1972 aan boord van de MEBO II en vermoed wordt dat het Terry Davis was die het mee had genomen om te gebruiken in zijn programma’s op RNI. De tracks hebben geen specifieke naam maar wel elk een warm en vrolijk geluid. Zo gebruikte hij het thema, dat we nummer 01 hebben genoemd, als filler in het programma Target Ten. Voor meer informatie over Pepper Tanner verwijzen we je naar: https://www.jingleweb.nl/index.php/category/pepper-tanner/ https://filesender.surf.nl/?s=download&token=7d3b73dc-d597-4163-a4c2-baf0714dce07 Category 7: demo music used for fillers, jingles and more Over the past 60 years there have been several production companies specialising in making jingle packages for radio stations. In order to create an outlet, a new package was turned into a demonstration tape that could be requested from the company. If several demos were requested, the radio stations would get an idea of what they wanted to go for themselves when decorating the programs. Hundreds of demos were produced in this way, some of which ended up at the offshore radio stations or were taken to the station by deejays who worked for there. Occasionally, parts of those packages appeared in some form in the programmes. In this category 7 examples are highlighted. Pepper Tanner - The Now Sound. The demo tape of this package was aboard the MEBO II in 1972 and it is suspected that it was Terry Davis who took it with him to use in his programs on RNI. The tracks don't have a specific name but each one has a warm and cheerful sound. So he used the theme, which we called number 01, as a filler in the program Target Ten. https://filesender.surf.nl/?s=download&token=7d3b73dc-d597-4163-a4c2-baf0714dce07 For more information about Pepper Tanner we refer you to: https://www.jingleweb.nl/index.php/category/pepper-tanner/
  13. Larry Page Orchestra, the – The loneliest time. Onder Peter Hamilton staat een verklaring van de opening, voorafgaand aan de tune van het programma van de drie technici van Radio Noordzee uit de landstudio: Pieter Damave, John de Mol jr. en Leo Visser. Maar ook de tune, die door hen in de laatste nacht van Radio Noordzee, 31 augustus 1974 werd gebruikt, kan worden vermeld. Het is het prachtige nummer ‘the loneliest time’ in de uitvoering van The Larry Page Orchestra. Het verscheen op de lp ‘This is Larry Page’, alsook op de lp ‘Bridge over troubled water’ van het gelijknamige orkest. Larry Page Orchestra, the - The loneliest time. Under Peter Hamilton is a statement of the opening, preceding the tune of the programme of the three technicians of Radio Noordzee from the country studio: Pieter Damave, John de Mol jr. and Leo Visser. But also the tune, which was used by them in the last night of Radio Noordzee, 31 August 1974, can be mentioned. It is the beautiful song 'the loneliest time' in the performance of The Larry Page Orchestra. It appeared on the album 'This is Larry Page', as well as on the album 'Bridge over troubled water' by the orchestra of the same name. https://filesender.surf.nl/?s=download&token=f023c5a7-21f4-4936-94fc-aa3c19380227 geen you tube voorbeeld
  14. Peppers, the – Pinch of Salt. Dit nummer werd in 1974 in Parijs opgenomen en uitgebracht op de lp ‘A taste of Pepper, a taste of honey’ en wel op Sirocco Records. De formatie the Peppers, die voornamelijk electro pop speelde, had ons eerder verrast met de Pepperbox. Het nummer ‘Pinch of Salt’ werd in september 1973 op Radio Atlantis als eindtune gebruikt door Fred van den Bosch in zijn middagprogramma, waarin hij het nog steeds over Atlantis 385 had, weken nadat het station op de 259 meter van start was gegaan. Peppers, the - Pinch of Salt. This song was recorded in 1974 in Paris and released on the album 'A taste of Pepper, a taste of honey' on Sirocco Records. The formation the Peppers, who mainly played electro pop, had surprised us earlier with the Pepperbox. The song 'Pinch of Salt' was used as the final tune on Radio Atlantis in September 1973 by Fred van den Bosch in his afternoon show, in which he still talked about Atlantis 385, weeks after the station had started on the 259 meter. https://filesender.surf.nl/?s=download&token=6a405845-0e6d-43df-bf0e-d1e3d75b4505
  15. Minister Klompé was een van de eerste vrouwelijke ministers van Nederland en tevens een minister waar je tegenop keek. Een boegbeeld in de toenmalige regering. Ze was als Margaretha Albertina Maria Klompé in 1912 geboren en in de eind jaren vijftig en de begin jaren zestig van de vorige eeuw actief als minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen. Na de toen lopende regeerperiode vroeg ze om niet andermaal benoemd te worden maar wenste ze, als lid van de KVP (Katholieke Volks Partij), zitting te gaan nemen in de Tweede Kamer. Na een aantal roerige jaren binnen de Nederlandse politiek werd in 1966 het kabinet Zijlstra, na de val van het kabinet Cals, actief. Andermaal kreeg Marga Klompé een ministeriële functie en wel die voor Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk. In die functie had ze onder meer te maken met de introductie van de reclame op radio en televisie binnen de publieke omroep, via de STER, de Stichting Ether Reclame. Je kunt je niet voorstellen, in de tijd van de ruime sociale media van heden ten dage, dat in de jaren zestig het amper voor kwam dat iemand zich wenste af te zetten tegen de besluitvorming van een individuele minister. Het was de tijd dat de kabinetten vooral bestonden uit in zwart uitgedoste staatslieden, waar een ieder tegenop keek. Grappen en grollen, zoals vrijwel dagelijks in de media en sociale media over de regeringsleden worden gemaakt, kwamen bijna niet voorbij. Televisie, zoals nu wordt gebracht, is ook totaal niet te vergelijken met het gebrachte in 1966. Uitzenduren waren beperkt, er was sprake maar van twee televisienetten en reclame werd in eerste instantie op zeer beperkte wijze de huiskamer binnen gebracht. Toch was bij lange na niet iedereen tevreden en binnen de gezinnen en vriendenkring werd wel gemopperd maar toch ook begrepen dat men eigenlijk niet om die reclame heen kon. Dit mede ter verkoming dat de kijk- en luisterbijdrage, die regelmatig diende te worden afgedragen op het postkantoor, niet tot huizenhoge prijzen zou stijgen. En toch waren er mensen die zich openlijk gingen afzetten tegen een minister. In dit geval was het de toen 44-jarige scheeps- elektricien L. de Jager die vond dat de komst van reclametelevisie een duidelijk geval was van huisvredebreuk. Gevolg was dat De Jager een klacht indiende tegen de verantwoordelijke personen die de reclameactiviteiten toegang hadden verschaft binnen de Nederlandse huisgezinnen. Volgens De Jager was dat destijds in de eerste plaats de toenmalige minister van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk werk, mej. dr. M.A.M. Klompé. Hij was namelijk van mening dat hij als radio- en televisiebezitter vooraf gekend had moeten worden in de beslissing reclame via zijn radio en zijn beeldbuis binnen de vier muren van zijn huis te brengen. Daarbij stelde hij duidelijk binnen zijn aanklacht dat het argument van het omdraaien van de knoppen, als men iets niets wenste te horen of te zien, in deze niet opging. Want, zo stelde De Jager, betekende het in- en uitschakelen van een televisietoestel (afstandsbedieningen waren er nog lang niet) dat deze handeling de slijtage van het betreffende toestel enorm zou bevorderen. En dus kon van niemand deze bij herhaling voorkomende actie worden geëist. Wel kwam hij met de gedachte dat er wel een andere oplossing kon zijn. Hij stelde voor dat de leiding van de STER die televisiebezitters, die van de vervuilende reclame verschoond dienden te worden, financieel in staat gesteld dienden te worden een apparaatje aan te schaffen en te installeren, dat het televisieapparaat automatisch zou uitschakelen als er weer een blok aan reclamespots in aantocht was en tevens weer zou aanschakelen bij een impuls, die direct na het reclameblok zou worden uitgezonden. De heer De Jager heeft inderdaad een aanklacht destijds ingediend om gerechtelijk een uitspraak af te dwingen die hem zou erkennen als bezitter van een radio- en televisietoestel. Volgens hem gaf zijn eigendomsverklaring hem het recht mee te bepalen wat hij al dan niet voorgeschoteld kreeg. Het bleek niet de eerste instantie die hij met zijn problemen met de komst van de reclame had ingeschakeld. Het bleek dat hij al in 1963 begonnen was met het benaderen van de leden van de regering en Tweede Kamerleden. Maar ook daar heeft hij nooit succes kunnen boeken. Voornoemde poging richting minister Klompé was destijds zijn laatste poging want hij vond bijna geen medestanders die de strijd tegen de reclame met hem wensten in te zetten. Inmiddels zijn we bijna 55 jaren verder en kunnen we reclamevrij televisie kijken en onze eigen ‘radio programma’s’ samen stellen zonder te worden beheerst door niet gewenste reclame. Hans Knot, 21 maart 2020 Afbeelding: Marga Klompé (foto Collectie Spaarnestad Photo / W.P. v.d. Hoef / Wikipedia)
  16. Van McCoy And The Soul City Symphony - The Shuffle. In de zomer van 1979 werd het nummer als filler op naar het tijdsein op de top van het uur gebruikt door Johan Vermeer in de Top 50 van Radio Mi Amigo 272. Van McCoy And The Soul City Symphony – The Shuffle. In the summer of 1979 the song was used as a filler to the time signal at the top of the hour by Johan Vermeer in the Top 50 of Radio Mi Amigo 272. https://filesender.surf.nl/?s=download&token=e07158ce-c73c-40a3-884e-ae4efdde5a64
  17. Maurice Jarre – Symphony nr 2 in B Minor van Alexander Borodin. Borodin componeerde dit dramatische korte klassieke stuk rond 1870 en Klaas Vaak gebruikte het in 1972 voor het produceren van een spot voor Radio Veronica. Het ging om de agent die een telefoontje kreeg van een mevrouw die al haar radio’s waren gestolen en zelfs ook de auto waardoor ze er 14 kwijt was die allen waren afgestemd op Radio Veronica. De spot was een soort van Nederlandse bewerking van een soortgelijke spot die in 1967 op Radio 270 liep. Vaak gebruikte de uitvoering van Maurice Jarre uit 1968. Maurice Jarre - Symphony no. 2 in B Minor by Alexander Borodin. Borodin composed this dramatic short classical piece around 1870 and Klaas Vaak used it in 1972 to produce a spotlight for Radio Veronica. It was about the policeman who received a phone call from a lady who had stolen all her radios and even the car which caused her to lose 14 that were all tuned in to Radio Veronica. The spot was a kind of Dutch adaptation of a similar spot that ran on Radio 270 in 1967. Vaak used the 1968 version of Maurice Jarre. https://filesender.surf.nl/?s=download&token=90601edb-21a6-473f-af55-37d27b2588f3
  18. Dyo heeft inmiddels mail van mij, hebben vaker contact groetjes
  19. Dank Jaap maar een mp3 met muziek mag hier niet geplaatst worden. Uiteraard heb ik die zelf wel.
  20. Larry Page Orchestra, the – Wake me when the sun shines. Dit nummer is in 1970 uitgekomen als de achterkant van de single ‘Theme from a dream’ op het Penny Farthing label. Larry Page componeerde het nummer samen met C. Frechter. Page was niet alleen componist maar ook onder meer arrangeur, producer, manager en eigenaar van voornoemd platenlabel. Hij heeft vooral voor de Kinks en de Troggs veel werk verricht. Het nummer ‘Wake me when the sun shines’ werd door Andy Archer in de zomer van 1970 verkozen tot de tune van de RNI Top 30. Larry Page Orchestra, the - Wake me when the sun shines. This song was released in 1970 as the back cover of the single 'Theme from a dream' on the Penny Farthing label. Larry Page composed the song together with C. Frechter. Page was not only the composer but also the arranger, producer, manager and owner of the aforementioned record label. He did a lot of work, especially for the Kinks and the Troggs. The song 'Wake me when the sun shines' was chosen by Andy Archer in the summer of 1970 as the tune of the RNI Top 30. https://filesender.surf.nl/?s=download&token=dcbd2df1-c887-467b-aa02-ae431e888330 geen you tube versie beschikbaar
  21. Alarm Clock – Tic Tac. Een instrumentaal nummer gecomponeerd door Steve Liquor is afkomstig uit Frankrijk en in 1974 op diverse platenlabels in diverse landen verschenen. Het valt binnen de categorie electropop en werd in april 1974 door Peter van Dam gebruikt als eindmuziekje in een aflevering van, zoals hij het zelf noemde, ‘Met Peter ging het beter’. Hij mixte er kreten in als ‘I wanna be a discjockey’ en Andy Archer’s ‘Give us a bang when you’re ready’. Alarm Clock - Tic Tac. An instrumental song composed by Steve Liquor originated in France and appeared on various record labels in various countries in 1974. It falls within the category of electropop and was used by Peter van Dam in April 1974 as the final music in an episode of, as he himself called it, “Met Peter ging het beter’. He mixed cries like 'I wanna be a discjockey' and Andy Archer's 'Give us a bang when you're ready'. https://filesender.surf.nl/?s=download&token=79a5b7ed-5bf4-4204-943f-544415dd3e03
  22. stond 78 in opname gegevens pas het aan!
  23. Ventures – Choo choo train. Een groep die met diverse vermeldingen voorkomt in de zeezenderdiscografie. Daarbij kan dit nummer ‘Choo choo train’ ook worden vermeld. Afkomstig van de uit 1968 afkomstige lp Horse, werd het namelijk gebruikt op Radio Delmare in 1979 door Rob van der Meer in het programma ‘Muziekfabriek’. Het werd op werkdagen uitgezonden tussen 9 en 10 uur in de ochtend. Het was een verzoekplatenprogramma voor bedrijven met minimaal 2 werknemers. Ventures - Choo choo train. A group that appears with various mentions in the offshore radio discography. This number 'Choo choo train' can also be mentioned. Originating from the album Horse from 1968, it was used on Radio Delmare in 1979 by Rob van der Meer in the program 'Muziekfabriek'. It was broadcasted on weekdays between 9 and 10 in the morning. It was a request record program for companies with at least 2 employees. https://filesender.surf.nl/?s=download&token=80d51394-7ddd-4297-8c92-75a40f4ec80c
  24. ik ben afgegaan op de gegevens in het Top 40 boek van Radio Tien Gold waarin alle lijsten zijn opgenomen en genummerd. dank dus
  25. Ook in 2020 andermaal een Boekenweek, een achtdaagse periode waarin het boek centraal staat. Een Boekenweek werd trouwens voor het eerst in 1932 georganiseerd. Mijn vrouw en ik verheugen ons altijd op die eerste dag om uitgebreid de tijd te nemen om bij onze favoriete boekhandel in Groningen een blik te werpen op het aanbod dat nieuw op de markt is en tevens hier en daar nog een boek in onze boodschappenmandjes te laten glijden dat al eerder is uitgekomen. Van der Velde aan het A-Kerkhof in Groningen is voor ons de ultieme boekwinkel met kundig personeel, dat warmte uitstraalt voor het boek maar zeker ook voor de klant. Als zogenaamde veellezers komen wij er vaak en gaan er nooit met lege handen weg. Zo ook niet aan het begin van de Boekenweek 2020, waarbij we beiden een diversiteit aan boeken uitzochten. De bovenverdieping bij boekhandel van der Velde is deels ingericht voor reisboeken, wetenschappelijke literatuur, anderstalige boeken maar ook een aparte hoek voor geschiedenisboeken. Eén van de boeken waar mijn ogen op vielen was ‘Meer Nostalgie’, geschreven door mevrouw G.T. Rovers. Op de voorkant van het boek wordt vermeld dat het een uitgave is van ‘Historisch Karakter’. Prachtig mooi uitgevoerd met vele niet eerder geziene foto’s dacht ik dat het een perfecte aanvulling kon zijn op mijn collectie boeken over de periode 1950-1990 en dus besloot ik een exemplaar mee te nemen. Enthousiast begon ik op zondag aan dit 148 pagina’s dikke boekwerk, gedrukt op mooi stevig papier. Iedere column is niet langer dan 1 pagina en telkens voorzien van een naastliggende fotopagina. De niet genummerde pagina 148 is tenslotte door G.T. Rovers gevuld met een dankwoord. Ze heeft het over geweldige samenwerking en dat iedere column, die ze geschreven had, gelezen werd en waar nodig gecorrigeerd werd door de hoofdredacteur van TROS Kompas, Edger Hamer. Verderop in het dankwoord bedankt ze Rob van Rossum, die alle teksten vakkundig door heeft geplozen. Je denkt dan dat dit historische boekwerk staat als een huis. Maar wat een teleurstelling. Ik wil dit graag illustratief belichten via de inhoud van drie columns, die ik in het boek aantrof. Op pagina 79 gaat het over de opkomst van de videorecorder, die inmiddels ook al weer lang uit de winkels is verdwenen en dus duidelijk nostalgisch is geworden. Ze vermeldt de opkomst van de Sony U-Matic in 1971 (De VO 1600) en stelt dat door de torenhoge prijs deze machine vooral door de semiprofessionele markt werd gebruikt. De U-Matic was echter totaal niet voor huiselijk gebruikt gefabriceerd maar voor de professionele markt. Daarna stelt Govers dat in de decennia erna er een ware videorecorder oorlog uitbrak. Decennia zijn nog altijd meerdere tientallen jaren. Echter kwamen de door haar bedoelde merken en types allemaal in de jaren zeventig van de vorige eeuw op de markt. De Betamax in 1975, de JVC VHS in 1976 en de Philips V2000 in 1979. Pagina 85 dan maar, de eerste Nederlandse Hitparade. Als het tot Veronica komt dan heeft de schrijfster het over 1965 en de Nederlandse Hitparade, die volgens haar in 1966 werd omgedoopt tot de Top 40. Vanaf de eerste week van 1965 is er al sprake van een Top 40 als ondertitel. In een eerdere periode had Joost de Draaijer wel een eigen hitlijstje onder de noemer ‘Voorlopig Nederlands Platen Elftal’. Ook stelt de auteur dat het ging om de piratenzender Veronica. Duidelijk dient te zijn dat Veronica als zeezender geen enkele wetgeving heeft overtreden en er dus ook geen sprake van het woord ‘piratenzender’ kan zijn. Tevens stelt ze dat in 1966 de Alarmschijf werd toegevoegd evenals de Tipparade. Andermaal een misser want de eerste Alarmschijf werd uitgezonden op 1 november 1969 terwijl de allereerste Tipparade van dezelfde datum was in de presentatie van Rob Out. Tenslotte heb ik de column ‘Anti-Veronica wet’ gekozen om deels te belichten. Het gaat over de opkomst en neergang van de Nederlandse zeezenders. Ten eerste was het geen anti-Veronica wet. Maar een wijziging in de Nederlandse wetgeving, die de geschiedenis is ingegaan als de anti-zeezenderwet. Volgens de auteur werd de Borkum Riff van Veronica vanaf 1964 door de Norderney vervangen, omdat het eerste schip te klein werd bevonden. Klaarblijkelijk is er te snel gesurft op internet bij het schrijven van het boekwerk want het was vanaf november 1964. Rovers meldt verder dat in 1965 met het Verdrag van Straatsburg een wet werd aangenomen die het illegaal uitzenden vanaf zee verbood. Totdat in september 1974 de wetswijziging via aankondiging in de Staatscourant was afgekondigd was er sprake van eventueel illegaal uitzenden. Het Verdrag van Straatsburg was geen wet, daarvoor dienden alle regeringen van landen, die het Verdrag hadden ondertekend, hun eigen wetgeving aan te passen. Volgens de auteur ontsprongen in 1965 Radio Veronica en Radio Noordzee de dans omdat er binnen de politiek in Nederland verdeeldheid was over het eventueel invoeren van een wetswijziging. Wel Radio Noordzee begon in februari 1970 onder de naam RNI pas haar uitzendingen. Zoals al door mij gesteld een prachtig uitgevoerd boekwerk met vele niet eerder vertoonde foto’s, maar betreffende de betrouwbaarheid en nauwkeurigheid van de teksten dienen grote vraagtekens te worden gezet. Hans Knot, 14 maart 2020
×
×
  • Create New...

Important Information

By using this site, you agree to our Terms of Use, Privacy Policy and We have placed cookies on your device to help make this website better. You can adjust your cookie settings, otherwise we'll assume you're okay to continue.