Column Vincent Schriel: Waarom de middengolf nog niet verdwenen is
De middengolf is in Europa al jaren bezig aan een stille terugtocht. Waar de band ooit het kloppend hart was van nationale omroepen, regionale stemmen en grensoverschrijdende ontvangst, resteert vandaag vooral een landschap van lege frequenties, uitgeschakelde zenders en een handvol liefhebbers die proberen vast te houden aan een medium dat door velen al is afgeschreven. Toch is het verhaal van de middengolf niet zo eenvoudig als de optelsom van gesloten zendlocaties en verdwenen stations doet vermoeden.
De neergang van de middengolf begon niet gisteren. In heel Europa werd het bereik van FM vanaf de jaren zestig steeds beter, terwijl de geluidskwaliteit duidelijk aantrekkelijker was voor luisteraars. De middengolf bleef nog lang relevant door zijn grote bereik, zeker in de avonduren wanneer signalen honderden kilometers konden overbruggen, maar verloor stap voor stap terrein. Wat ooit een vanzelfsprekend onderdeel was van het dagelijks luisteren, werd langzaam een techniek uit een ander tijdperk.
Dat proces werd versneld door de hoge kosten van het in de lucht houden van middengolfzenders. Grote zendinstallaties vragen veel energie, veel onderhoud en veel ruimte. Vooral voor publieke omroepen werd het steeds moeilijker om die kosten te verantwoorden in een tijd waarin luistergedrag verschoof naar FM, DAB+ en online distributie. Vanuit economisch oogpunt was de conclusie voor veel omroepen helder: waarom een dure infrastructuur in stand houden voor een steeds kleiner publiek.
In Nederland werd dat scenario pijnlijk zichtbaar. De grote landelijke middengolfzenders verdwenen één voor één. Frequenties die decennialang een vaste plek hadden in het luistergedrag verloren hun functie. Zendlocaties werden afgebroken, masten verdwenen uit het landschap en de middengolf werd teruggebracht tot een marginaal platform. Wat resteerde was niet langer een volwaardige distributievorm voor grote omroepen, maar een niche voor kleine spelers, experimenten en liefhebbers.
Die ontwikkeling staat niet op zichzelf. In veel Europese landen werd dezelfde afweging gemaakt. Frankrijk, Duitsland, Zwitserland en grote delen van Scandinavië namen afscheid van de middengolf omdat het simpelweg te duur werd om een verouderd systeem te blijven voeden. De publieke taak verschoof naar digitale verspreiding en commerciële partijen zagen geen aantrekkelijk verdienmodel meer in een band die vooral met ruis, storingen en afnemend bereik werd geassocieerd.
Toch is het opvallend dat de middengolf niet volledig is verdwenen. Juist nu de grote spelers vertrokken zijn, ontstaat ruimte voor kleinschalige initiatieven. In Nederland is dat vooral zichtbaar in de opkomst van LPAM, de laagvermogenvergunningen op de middengolf. Die kleine vergunningen bieden lokale en thematische aanbieders de mogelijkheid om met relatief beperkt vermogen uit te zenden. Daarmee krijgt de middengolf een andere functie dan vroeger. Niet langer als massamedium voor miljoenen luisteraars, maar als kleinschalig platform voor initiatiefnemers die bewust kiezen voor etherdistributie.
Dat maakt LPAM interessant, juist omdat het geen poging is om het verleden terug te halen. De kracht van deze kleine vergunningen zit niet in schaal, maar in karakter. Ze bieden ruimte aan partijen die niet afhankelijk zijn van grote budgetten en die de middengolf gebruiken als aanvulling op online distributie. Voor sommigen is het een technisch experiment, voor anderen een manier om een specifiek publiek te bereiken. De band krijgt daarmee een rol die kleiner is dan vroeger, maar ook vrijer en persoonlijker.
De vraag is wel hoe duurzaam dat model uiteindelijk is. Ook een kleine middengolfzender kost geld, vraagt technische kennis en heeft te maken met storingsgevoelige ontvangst. Bovendien is de gemiddelde luisteraar niet meer gewend om actief op de middengolf af te stemmen. Wie vandaag radio ontdekt, doet dat meestal via een app, slimme speaker of DAB+-radio. De vanzelfsprekendheid van de AM-band is verdwenen en daarmee ook een groot deel van het potentiële bereik.
Toch hoeft dat niet automatisch het einde te betekenen. De toekomst van de middengolf ligt niet meer in bereik alleen, maar in betekenis. De band hoeft niet terug naar zijn vroegere positie om relevant te blijven. Juist als kleinschalig medium kan de middengolf een plek behouden voor experiment, cultureel behoud en technische zelfstandigheid. In een tijd waarin distributie steeds afhankelijker wordt van grote platformen en gesloten ecosystemen, heeft een vrij toegankelijke etherfrequentie nog altijd waarde.
Daarmee is de middengolf in Nederland geen massamedium meer, maar ook geen relikwie. Wat verdwenen is, is het tijdperk van grote vermogens en nationale dekking. Wat overblijft, is een kleinere wereld waarin ruimte is voor nieuwe toepassingen, nichegebruik en technische eigenzinnigheid. Dat is geen terugkeer naar vroeger, maar een andere toekomst dan lang werd verwacht.
Vincent Schriel, 10 mei 2026
Aanbevolen antwoorden
Doe mee aan het gesprek
Je plaatst een bericht als gast. Indien je al een account hebt, kun je je nu aanmelden om het bericht met je account te plaatsen.
Opmerking: Je bericht moet eerst worden goedgekeurd door een moderator voordat het zichtbaar is.